ECLI:NL:RBMNE:2024:5445
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand voor rechtsbijstandskosten in Duitsland
Eiser heeft bijzondere bijstand gevraagd voor de kosten van rechtsbijstand die hij maakte in een strafzaak in Duitsland, welke uiteindelijk is geseponeerd. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen op grond van artikel 11 van Pro de Participatiewet, omdat de kosten niet in Nederland zijn gemaakt. Eiser voerde een beroep op de hardheidsclausule (artikel 16 Pw Pro) aan vanwege zijn financiële situatie en traumaverwerking.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende heeft onderbouwd dat er sprake is van zeer dringende redenen die een uitzondering op artikel 11 Pw Pro rechtvaardigen. Zijn financiële situatie is niet concreet aangetoond, noch is gebleken dat hij contact heeft gezocht met zijn advocaat voor betalingsregelingen. Ook de psychologische verklaringen bieden onvoldoende aanknopingspunten dat de bijzondere bijstand onvermijdelijk is.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst de aanvraag om bijzondere bijstand af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor rechtsbijstandskosten in Duitsland wordt ongegrond verklaard.