ECLI:NL:RBMNE:2024:5655
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WIA-uitkeringsbesluit na herstel zorgvuldigheidsgebrek door aanvullend medisch onderzoek
Eiser stelde beroep in tegen de afwijzing van zijn WIA-aanvraag. Na een tussenuitspraak waarin een zorgvuldigheidsgebrek werd vastgesteld vanwege het ontbreken van een fysiek spreekuurcontact met de verzekeringsarts bezwaar en beroep, heeft het UWV dit gebrek hersteld door op 9 augustus 2023 alsnog een fysiek onderzoek te laten plaatsvinden.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep concludeerde dat er geen nieuwe medische feiten waren die aanleiding gaven tot het aannemen van verdere beperkingen dan reeds opgenomen in de functionele mogelijkhedenlijst (FML). De rechtbank oordeelt dat het medisch onderzoek nu zorgvuldig is verricht en dat het UWV de belastbaarheid van eiser juist heeft ingeschat.
Eiser voerde aan dat de FML onjuist was opgesteld en dat hij meer beperkingen had, onder meer op sociaal, persoonlijk en fysiek vlak. De rechtbank achtte deze stellingen onvoldoende onderbouwd en vond dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep de beperkingen adequaat had vertaald in de FML.
Ook de arbeidskundige beoordeling en de indexering van het maatmaninkomen werden door de rechtbank als zorgvuldig beoordeeld. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat het zorgvuldigheidsgebrek is hersteld en de overige beroepsgronden niet slagen.
Tot slot veroordeelt de rechtbank het UWV tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.