ECLI:NL:RBMNE:2024:5659
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen gebruik tijdelijke schoollokalen
Verzoekers, bewoners uit de directe omgeving van de locatie waar twee tijdelijke schoollokalen zijn gebouwd, hebben bezwaar gemaakt tegen de verleende omgevingsvergunning en gevraagd om een voorlopige voorziening om de werking van deze vergunning op te schorten. Zij ervaren parkeer- en verkeersoverlast en geluidsoverlast door de aanwezigheid van de schoollokalen en vrezen dat de situatie hierdoor verslechtert.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente heeft de vergunning verleend voor een periode van twee jaar. De voorzieningenrechter heeft beoordeeld of er sprake is van een spoedeisend belang dat onmiddellijke verwijdering van de schoollokalen rechtvaardigt. Hierbij is meegewogen dat de overlast grotendeels al bestond en dat de vermeende toename niet zodanig is dat de bezwaarprocedure niet kan worden afgewacht.
De voorzieningenrechter constateert geen evidente fouten in het besluit en stelt dat de aangevoerde bezwaren zoals parkeer- en verkeersproblematiek, wateroverlast, welstand, participatie, gelijkheids- en vertrouwensbeginsel in de bezwaarprocedure behandeld kunnen worden. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom ongegrond verklaard en afgewezen zonder dat een zitting nodig is.
Partijen hoeven geen proceskosten of griffierecht te vergoeden. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter K. de Meulder op 1 oktober 2024.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening om de omgevingsvergunning op te schorten wordt afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.