Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
- 12 december 2023 – pro forma;
- 5 maart 2024 – pro forma;
- 14 mei 2024 – pro forma;
- 9 augustus 2024 – pro forma;
- 17 september 2024 – inhoudelijke behandeling;
- 18 oktober 2024 – sluiting van het onderzoek.
2.INLEIDING
3.TENLASTELEGGING
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- feit 1 primair, poging tot zware mishandeling van [slachtoffer 1] met de dood ten gevolge;
- feit 2 subsidiair, poging tot zware mishandeling van [slachtoffer 2] ;
- feit 3 primair, poging tot zware mishandeling van [slachtoffer 4] ;
- feit 4, brandstichting met gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor personen;
- feit 5, vernieling van meerdere ruiten toebehorend aan Woongoed Zeist;
- feit 6, vernieling van een telefoon en rijbewijs toebehorend aan [slachtoffer 3] .
- vanaf 03:26 min. ziet de rechtbank dat de verdachte plotseling afstormt op [slachtoffer 1] , die op dat moment in een rolstoel zit, en een bovenhandse stekende beweging maakt in de richting van de buik van [slachtoffer 1] ;
- vanaf 03:30 min. ziet de rechtbank dat de verdachte meermalen bovenhandse steekbewegingen maakt richting de borst van [slachtoffer 2] , met welke bewegingen zij ruime tijd doorgaat;
- vanaf 03:42 min. ziet de rechtbank dat de verdachte meermalen bovenhandse steekbewegingen maakt richting de arm en hand van [slachtoffer 4] .
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.DE STRAF EN MAATREGEL
9.BESLAG
- verbeurdverklaring van de tas met nummer G3219666;
- verbeurdverklaring van het mes met nummer G3219669;
- teruggave aan de rechthebbende van de telefoon met nummer G3219497;
- teruggave aan de rechthebbende van het ondergoed met nummer G3219697;
- teruggave aan de rechthebbende van het shirt met nummer G3219699;
- teruggave aan de rechthebbende van de jurk met nummer G3219689;
- teruggave aan de rechthebbende van de jurk met nummer G3219692;
- teruggave aan de rechthebbende van het ondergoed met nummer G3219469;
- teruggave aan de rechthebbende van het ondergoed met nummer G3219471;
- teruggave aan de rechthebbende van de broek met nummer G3219466.
- de tas met nummer G3219666;
- de telefoon met nummer G3219497
- de tas met nummer G3219666;
- de telefoon met nummer G3219497;
- het ondergoed met nummer G3219697;
- het shirt met nummer G3219699;
- de jurk met nummer G3219689;
- de jurk met nummer G3219692;
- het ondergoed met nummer G3219469;
- het ondergoed met nummer G3219471;
- de broek met nummer G3219466.
10.BENADEELDE PARTIJ
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
gevangenisstraf van één jaar;
gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat zij van overheidswege wordt verpleegd;
- de tas met nummer G3219666 (feiten 1, 2 en 3);
- de telefoon met nummer G3219497 (feit 6);
- het ondergoed met nummer G3219697 (feiten 1, 2 en 3);
- het shirt met nummer G3219699 (feiten 1, 2 en 3);;
- de jurk met nummer G3219689 (feiten 1, 2 en 3);
- de jurk met nummer G3219692 (feiten 1, 2 en 3);
- het ondergoed met nummer G3219469 (feiten 1, 2 en 3);
- het ondergoed met nummer G3219471 (feiten 1, 2 en 3);
- de broek met nummer G3219466 (feiten 1, 2 en 3);
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 3.458,31;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 september 2023 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 3.458,31 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 september 2023 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 44 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [slachtoffer 3] toe tot een bedrag van € 401,80;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 september 2023 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 3] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat € 401,80 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 september 2023 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 8 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- verklaart [benadeelde] niet-ontvankelijk in de vordering;
- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt;
- wijst de vordering van [slachtoffer 4] toe tot een bedrag van € 1.000,00;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 4] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 september 2023 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 4] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 4] aan de Staat € 1.000,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 september 2023 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 20 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.