Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
[medeverdachte 1] . Kort samengevat is daartoe aangevoerd dat verdachte slechts bij één van de deelonderzoeken c.q. transportlijnen betrokken is geweest en dat zijn rol daarin bovendien uitvoerend en ondergeschikt was. Voorts heeft verdachte alleen maar aantoonbaar strafbaar contact met de reeds veroordeelde medeverdachte [medeverdachte 2] gehad en niet met de overige in de tenlastelegging vermelde leden van de criminele organisatie. De raadsman heeft ook vrijspraak bepleit van het onder feit 2 ten laste gelegde, nu de bijdrage van verdachte aan de drugshandel van onvoldoende gewicht is geweest om hem als medepleger daarvan te kunnen aanmerken.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van een misdrijven
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
10.BESLISSING
- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.
hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 11 april 2016 te Kampen en/of Veenendaal of elders in Nederland en/of
Groot-Brittannië heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen te weten [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 7] en/of [medeverdachte 6] en/of [medeverdachte 8] en/of één of meer anderen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van één of meer misdrijven als bedoeld in artikel 10 derde Pro, vierde, vijfde lid, 10a eerste lid, 11 derde, vijfde lid en/of 11a Opiumwet;
hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 11 april 2016 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (meermalen) opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland – te weten naar Groot-Brittannië – heeft gebracht en/of heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, althans opzettelijk aanwezig heeft gehad, (telkens) één of meerdere grote hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaïne en/of heroïne zijnde (een) middel(en) vermeld op de bij die wet behorende lijst I dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
Het onherroepelijke vonnis in de zaak van [medeverdachte 1] van 29 maart 2021 – voor zover relevant weergegeven, en waarin met ‘verdachte’ [medeverdachte 1] wordt bedoeld:
De verklaring van verdachte ter terechtzitting van 2 september 2024:
Een proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] – zakelijk weergegeven:
de rechtbank begrijpt: een foto van verdachte]?
Een proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] bij de rechter-commissaris – zakelijk weergegeven:
Een proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 6] van 4 december 2018 – zakelijk weergegeven:
Een tweetal geschriften, zijnde KvK-uittreksels:
Telefoonnummer: [telefoonnummer]
Activiteiten: handel in eigen onroerend goed
Bestuurder: [medeverdachte 6] (sinds 8 jan 2014). [13]
Een proces-verbaal van bevindingen – zakelijk weergegeven:
de rechtbank begrijpt: 28 transporten in de periode tussen 14 maart 2014 en 16 maart 2015] heeft er, volgens de gegevens van [bedrijf 6] , een transport plaatsgevonden vanuit [woonplaats] naar [woonplaats] . [15]
Een proces-verbaal van bevindingen – zakelijk weergegeven
Een bijlage bij een proces-verbaal van bevindingen – zakelijk weergegeven: