Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2024:6179

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
31 oktober 2024
Publicatiedatum
11 november 2024
Zaaknummer
24/4986 UTR
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht in bestuursrechtelijke zaak

Adecco Personeelsdiensten B.V. heeft op 24 juli 2024 beroep ingesteld tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De rechtbank heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting omdat het griffierecht van €371,- niet is betaald, wat een vereiste is voor de behandeling van het beroep volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.

De rechtbank heeft op 26 juli 2024 een aangetekende brief gestuurd waarin Adecco werd verzocht het griffierecht binnen twee weken te voldoen. Deze brief is op 30 juli 2024 opgehaald, maar betaling bleef uit en er is geen geldige reden aangevoerd voor het niet betalen. Hierdoor is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 8:54 Awb Pro.

De rechtbank heeft daarom het beroep niet inhoudelijk behandeld en Adecco krijgt geen gelijk noch vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter S.C.A. van Kuijeren op 31 oktober 2024 te Utrecht.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/4986

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 31 oktober 2024 in de zaak tussen

Adecco Personeelsdiensten B.V., te Utrecht, eiseres,

(gemachtigde: H.E. Wonnink),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,verweerder,
(gemachtigde: S. Gootjes).

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres van 24 juli 2024.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiseres heeft namelijk het griffierecht niet betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 371,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiseres op 26 juli 2024 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiseres het griffierecht binnen twee weken moet betalen aan de rechtbank. Volgens de track and trace is de brief op 30 juli 2024 opgehaald bij het PostNL-punt.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet ontvangen. Eiseres heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro).
7. Eiseres krijgt geen gelijk en daarom ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.C.A. van Kuijeren, rechter, in aanwezigheid van C.A.A.W. van der Heijden, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 31 oktober 2024.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.