ECLI:NL:RBMNE:2024:6468
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op Bbz-uitkering wegens niet voldoen aan voorwaarde verlaging levenskosten
Eiseres heeft bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Blaricum een aanvraag ingediend voor bijstand op grond van de Participatiewet en het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz). Het college wees de aanvraag aanvankelijk af wegens onleefbaarheid van het bedrijf. Na bezwaar werd het primaire besluit herroepen, maar onder de voorwaarde dat eiseres haar levenskosten zou verlagen, onder andere door het beëindigen van een leasecontract en het verlagen van woonlasten.
Eiseres verhuisde vervolgens naar een andere gemeente en maakte volgens het college daardoor geen aanspraak meer op een uitkering van de gemeente Blaricum. Eiseres stelde dat zij vanaf de datum van haar aanvraag recht had op de uitkering en dat er geen opschortende voorwaarden waren. De rechtbank oordeelde echter dat het college terecht een voorwaarde stelde om in aanmerking te komen voor de uitkering en dat eiseres hier niet aan voldeed in de periode tot haar verhuizing.
De rechtbank wees het beroep van eiseres af en verwierp tevens het verzoek om een voorlopige voorziening. Hierdoor heeft eiseres geen recht op een Bbz-uitkering over de periode van 14 juni 2023 tot 26 januari 2024 en krijgt zij geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard omdat zij niet voldeed aan de voorwaarde om haar levenskosten te verlagen en daarom geen recht had op een Bbz-uitkering.