Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
proces-verbaal van een voorlopige samenvatting van een studioverhoor, houdende de verklaring van getuige [slachtoffer 2] , onder meer inhoudende, zakelijk weergegeven:
[slachtoffer 2] vertelde:
- Hij heeft dat gedaan.
- En waarschijnlijk heeft hij mij zwanger geprobeerd te maken.
V: Wat bedoel je met zeg maar dat?
- Ik noem het pielemoes. Er kwam wit spul uit.
proces-verbaal van aangiftedoor [aangeefster] , moeder van de minderjarige [slachtoffer 2] , onder meer inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van verhoor getuige, houdende de verklaring van getuige [slachtoffer 1] , onder meer inhoudende, zakelijk weergegeven:
A: Nee.
V: Waar gingen jullie dan nog meer heen?
A: Parkeerplaats waar niet veel mensen waren.
V: Je stiefopa zit achter het stuur. En wat doet hij dan?
A: Hij doet zijn broek open.
A: Zijn onderbroek.
V: Wat doet hij daarmee?
A: Die deed hij omlaag.
V: En dan doet hij zijn onderbroek naar beneden. En zijn 'niks' die zie je dan. Wat
doet hij daar dan mee?
A: Dan moest ik hem vastpakken.
V: Wat zei hij dan? Hoe weet jij dan dat je hem vast moet pakken?
A: Omdat hij mijn hand vastpakt.
V: Wat deed jouw hand toen?
A: Ik moest heen en weer gaan.
V: Wat was dan het moment waardoor het stopte?
A: Dan kwam hij klaar.
V: Zag je iets? Voelde je iets?
A: (knikt)
V: Je voelde iets. Waar voelde je dat dan?
A: Gewoon over mijn hand.
V: Als we nog even naar de auto gaan? Je voelde iets over je hand gaan. Hoe heb je
dat er vanaf gekregen?
A: Met een handdoek.
A: Bijna elke dag.
V: Zou je een inschatting kunnen maken over hoelang het allemaal geduurd heeft?
A: Sowieso een jaar.
A: (knikt)
V: En waar in de woning?
A: Op de bank en boven.
V: Waar boven?
A: In de slaapkamers.
V: Was dat op je blote huid, of op je broek of onderbroek?
A: Op de blote huid.
V: En was dat dan met zijn hand of met iets anders?
A: Allebei. [4]
proces-verbaal van bevindingen, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 15 november 2024, onder meer inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van verhoor verdachte, houdende de verklaring van verdachte, onder meer inhoudende, zakelijk weergegeven:
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
- een de verdachte betreffend uittreksel justitiële documentatie van 13 juni 2024, waaruit volgt dat verdachte niet eerder voor een strafbaar feit is veroordeeld;
- een reclasseringsadvies van 17 januari 2024, opgemaakt door reclasseringswerker M. Vogelpoel.
9.BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten
- stelt daarbij een proeftijd van
- als algemene voorwaarden gelden dat verdachte:
- als bijzondere voorwaarde geldt dat verdachte:
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 1.500,- bestaande uit immateriële schade;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 december 2016 tot de dag van de algehele voldoening;
- verklaart [slachtoffer 2] niet ontvankelijk in zijn vordering ten aanzien van het meer gevorderde;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 1.500,- te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 december 2016 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 25 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan [slachtoffer 2] dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- bepaalt dat de als gevolg van deze uitspraak te betalen schadevergoeding zal worden gestort op een ten behoeve van [slachtoffer 2] , geboren op [2012] in [geboorteplaats] , te openen rekening met een BEM-clausule;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 2.500,- bestaande uit immateriële schade;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 15 januari 2019 tot de dag van de algehele voldoening;
- verklaart [slachtoffer 1] niet ontvankelijk in zijn vordering ten aanzien van het meer gevorderde (immateriële en materiële schade)
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 2.500,- te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 15 januari 2019 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 35 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan [slachtoffer 1] dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- bepaalt dat de als gevolg van deze uitspraak te betalen schadevergoeding zal worden gestort op een ten behoeve van [slachtoffer 1] , geboren op [2008] in [geboorteplaats] , te openen rekening met een BEM-clausule.