ECLI:NL:RBMNE:2024:6666
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV beëindiging WIA-uitkering wegens onvoldoende motivering beperkingen
Eiseres, werkzaam als doktersassistente, werd aanvankelijk voor 100% arbeidsongeschikt geacht en kreeg een WIA-uitkering toegekend. Na bezwaar van haar werkgever stelde het UWV haar arbeidsongeschiktheid bij naar minder dan 35% en beëindigde de uitkering. Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank beoordeelde dat het UWV onvoldoende had gemotiveerd waarom bepaalde beperkingen in de functionele mogelijkhedenlijst waren geschrapt of verruimd, met name op het gebied van werktijden, persoonlijke en sociale functioneren en geluidgevoeligheid.
De rechtbank oordeelde dat de medische beoordeling van het UWV niet voldoende rekening hield met de diagnose complexe PTSS, het energietekort en de specifieke geluidsintolerantie van eiseres. Ook was de toelichting op de verhoogde belastbaarheid onduidelijk. Hierdoor was het besluit niet deugdelijk gemotiveerd en moest het worden vernietigd. Het UWV werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het UWV tot beëindiging van de WIA-uitkering wordt vernietigd.