De Alliantie vordert ontruiming van een woning die door [gedaagde] wordt gehuurd, omdat deze ernstig vervuild is, beschadigd en sterk stinkt naar kattenurine. Tijdens een inspectie werden vijftien katten aangetroffen en werd vastgesteld dat de woning ingrijpende herstelmaatregelen nodig heeft.
[gedaagde] betwist de vervuiling niet, maar weigert afscheid te nemen van haar dertien katten en wijst een aangeboden vervangende woning af. De kantonrechter oordeelt dat [gedaagde] tekort is geschoten in haar verplichtingen als huurder, waaronder het goed onderhouden van de woning en het voorkomen van overlast.
De vordering tot ontruiming wordt toegewezen met een termijn van drie weken, waarbij [gedaagde] de huur moet blijven betalen tot ontruiming. De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen vanwege ongeschiktheid voor kort geding. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten.