ECLI:NL:RBMNE:2024:6843
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing parkeervergunning wegens voldoende parkeervoorzieningen op eigen terrein
Eiser heeft op 2 januari 2024 een bewonersparkeervergunning aangevraagd voor zijn woonadres, maar het college van burgemeester en wethouders van de gemeente heeft deze aanvraag op 9 januari 2024 afgewezen omdat het adres op de Adressenlijst staat waar geen parkeervergunning wordt uitgegeven. Na bezwaar en beroep heeft de rechtbank op 9 december 2024 het beroep behandeld en de afwijzing bevestigd.
De kern van het geschil was of het college het aanvraagadres terecht op de Adressenlijst had geplaatst. Eiser stelde dat er onvoldoende parkeergelegenheid was, omdat er slechts 79 parkeerplaatsen zijn gerealiseerd voor 84 woningen, waardoor hij geen eigen parkeerplaats heeft. De rechtbank oordeelde echter dat het college mocht uitgaan van de Nota Parkeernormen uit 2013 en dat met 79 parkeerplaatsen voldaan werd aan de norm van minimaal 76 plaatsen.
De rechtbank benadrukte dat het uitgangspunt niet is dat iedere bewoner recht heeft op een eigen parkeerplaats, maar dat de parkeernorm ervoor zorgt dat de extra parkeerbehoefte niet op de openbare ruimte wordt afgewenteld. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de parkeervergunning is terecht. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de parkeervergunning bevestigd.