Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 20 december 2024 in de zaak tussen
Stichting Beter Zeist, uit Zeist, eiseres 1,
Buurt- en Belangenvereniging Huis ter Heide, uit Huis ter Heide, eiseres 2,
[eiseres 3] , uit [woonplaats] , eiseres 3,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zeist, het college
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
functionaliteitkent het wegennet idealiter een hiërarchische en doelmatige opbouw van de verkeersfuncties, bestaande uit drie typen wegen:
Deze functionele indeling van wegen heeft dus betrekking op de ‘verkeersruimte.
Spelen en winkelen (‘verblijfsfuncties’) gaan niet veilig samen met verkeer, en al helemaal niet met stroomverkeer. Erftoegangswegen vormen de enige soort verkeersruimte die waar nodig samengaat met de verblijfsfunctie van een gebied, met name op erven.” Uit deze visie maakt de rechtbank niet op dat er een strikte scheiding gehanteerd moet worden tussen wegen met een verblijfsfunctie en wegen met een verkeersfunctie. Sterker, in de visie staat ook opgenomen dat er sprake kan zijn van “grijze wegen” of van wegen met verschillende dominante verkeersfuncties op verschillende tijdstippen. In die gevallen kan dynamische monofunctionaliteit mogelijk een oplossing bieden. De enkele constatering dat er sprake is van (het risico op) doorgaand verkeer over de Prins Alexanderweg en de Blanckenhagenweg en dat die wegen niet overeenkomstig de functie worden gebruikt, is naar het oordeel van de rechtbank dan ook onvoldoende onderbouwing dat de verkeersafsluiting na afweging van alle betrokken belangen nodig is voor de verkeersveiligheid.