ECLI:NL:RBMNE:2024:6990
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R. Stijnen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling evenredigheidstoets dagloon WAO-uitkering bij wijziging
Eiseres, die sinds 1998 een WAO-uitkering ontvangt en sinds 2012 inkomsten naast deze uitkering genereert, maakte bezwaar tegen het door het UWV vastgestelde dagloon van € 158,23 per maand per 7 maart 2024. Zij stelde dat het dagloon hoger had moeten zijn, gebaseerd op haar inkomen vlak voor haar arbeidsongeschiktheid, en dat zij niet correct was gehoord.
De rechtbank stelde vast dat het UWV een telefonische hoorzitting heeft gehouden, wat voldoet aan de eisen van artikel 7:2 Awb Pro. De rechtbank benadrukte dat het dagloon is vastgesteld conform artikel 40 WAO Pro, een dwingende wettelijke bepaling, en dat toetsing aan algemene rechtsbeginselen slechts bij hoge uitzondering mogelijk is.
Omdat eiseres geen bijzondere omstandigheden aannemelijk maakte die niet door de wetgever waren verdisconteerd, werd het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank wees het verzoek om terugbetaling van griffierecht en proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het vastgestelde dagloon is ongegrond verklaard.