ECLI:NL:RBMNE:2024:7237
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens toekenning IVA-uitkering
Verzoekster had beroep ingesteld tegen een UWV-besluit over haar arbeidsongeschiktheidsuitkering, waarbij aanvankelijk een loongerelateerde WGA-uitkering werd toegekend. Na bezwaar wijzigde het UWV dit besluit en kende verzoekster per 12 september 2022 een IVA-uitkering toe. Hierop trok verzoekster haar beroep in en verzocht de rechtbank om het UWV te veroordelen tot vergoeding van haar proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat het UWV volledig aan het beroep tegemoet was gekomen met het gewijzigde besluit en wees het verzoek om proceskostenvergoeding toe. De proceskosten werden vastgesteld op € 2.187,50 voor het indienen van het beroepschrift, het verschijnen ter zitting en het indienen van een zienswijze.
Daarnaast werden reiskosten voor het bijwonen van de zitting en deskundigenonderzoeken voor een bedrag van € 81,54 toegewezen, maar niet de reiskosten voor het bezoeken van de gemachtigde. Voor het deskundigenrapport werd een vergoeding van € 1.215,14 toegekend, gebaseerd op het maximale uurloon volgens het Besluit tarieven in strafzaken. Het griffierecht moet verzoekster rechtstreeks bij het UWV verhalen.
De totale proceskostenvergoeding bedroeg € 3.484,18. De uitspraak werd gedaan door rechter E.M. van der Linde op 13 november 2024.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 3.484,18 aan proceskosten aan verzoekster.