In deze bestuursrechtelijke zaak tussen eiseres BV en het UWV, met een derde-partij (de ex-werknemer), heeft de rechtbank Midden-Nederland op 20 december 2024 een tussenuitspraak gedaan. De rechtbank had het UWV eerder in de gelegenheid gesteld om binnen acht weken een gebrek in het bestreden besluit te herstellen.
Het UWV heeft aangegeven dat de verzekeringsarts medische informatie van de behandelaar nodig heeft voor bezwaar en beroep, waarvoor een medische machtiging van de werknemer vereist is. Ondanks herhaalde verzoeken heeft de werknemer, die in Turkije woont, niet gereageerd. De machtiging is uiteindelijk op 20 november 2024 naar het Turkse adres verzonden.
Het UWV verzocht om een verlenging van de termijn met twee maanden om de machtiging te verkrijgen en de medische informatie op te vragen. De rechtbank acht dit verzoek gegrond en verlengt de termijn tot 27 januari 2025, met het praktische voorstel om de machtiging via e-mail te laten verlopen. De rechtbank houdt verdere beslissingen aan tot de einduitspraak in deze zaak.