Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 3;
- de mondelinge behandeling van 23 februari 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Midden-Nederland
De huurder had sinds juli/augustus 2023 een woning gehuurd van de verhuurder zonder schriftelijke huurovereenkomst. Toen de huurder op vakantie was, ging de verhuurder op 7 januari 2024 zonder toestemming de woning binnen en verving de sloten. De huurder vorderde in kort geding toegang tot de woning, het terugplaatsen van zijn spullen en vergoeding van deurwaarderskosten.
De verhuurder stelde dat de huurovereenkomst was geëindigd per 31 december 2023 en dat hij daarom de woning betrad en de sloten verving. De kantonrechter oordeelde dat de huurovereenkomst niet was beëindigd omdat de verhuurder niet tijdig schriftelijk had geïnformeerd over het einde van de huur, waardoor de overeenkomst stilzwijgend voor onbepaalde tijd is verlengd.
Omdat de huurovereenkomst nog loopt, mocht de verhuurder niet zonder toestemming de woning betreden en de sloten vervangen. Dit was huisvredebreuk en onrechtmatig jegens de huurder. De vordering tot toegang en huurgenot werd daarom toegewezen met een dwangsom en vergoeding van deurwaarderskosten. De vordering tot terugplaatsing van spullen werd afgewezen wegens onvoldoende specificatie en eigendomsonenigheid.
De verhuurder werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard zodat de huurder direct toegang kan krijgen, ook als er hoger beroep volgt.
Uitkomst: De verhuurder wordt veroordeeld om de huurder binnen 24 uur weer toegang tot de woning te verlenen en een dwangsom te betalen bij niet-naleving.