Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.De procedure
- de conclusie van antwoord, tevens conclusie van eis in reconventie
- de mondelinge behandeling van 18 november 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Midden-Nederland
Deze zaak betreft een kort geding tussen ex-partners over de eigendom en overname van hun gezamenlijke woning. Tijdens de zitting maakten partijen afspraken over de overname of verkoop van de woning, waardoor het geschil over de woning zelf werd opgelost. Het vonnis richt zich daarom uitsluitend op de proceskosten.
De voorzieningenrechter overweegt dat de eisende partij geen spoedeisend belang heeft aangetoond voor het kort geding, mede omdat zij al bijna acht maanden in een sociale huurwoning woont zonder dat de woningbouwvereniging actie heeft ondernomen. Bovendien is dit het tweede kort geding zonder spoedeisend belang, wat aanleiding zou kunnen zijn voor een proceskostenveroordeling.
Daarnaast voldoet de dagvaarding niet aan de wettelijke eisen, omdat relevante feiten en correspondentie niet volledig en naar waarheid zijn weergegeven. Dit zou ook een reden zijn om proceskosten toe te wijzen aan de wederpartij.
Desondanks worden de proceskosten gecompenseerd, omdat de wederpartij ook geen spoedeisend belang heeft bij zijn tegenvordering en omdat een veroordeling tot betaling van €1.605,- onrechtvaardig zou zijn gezien de financiële situatie van de eisende partij en de belangen van hun minderjarige kinderen. Elke partij draagt daarom zijn eigen proceskosten.
Uitkomst: De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij zijn eigen kosten draagt.