Veroordeelde is op 3 november 2023 veroordeeld voor twee Opiumwet-feiten en een diefstal. De officier van justitie vorderde op 20 september 2023 ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel ter hoogte van €3.032.222,77. Tijdens de procedure is een ontnemingsschikking getroffen waarbij veroordeelde een bedrag van €500.000 aan de Staat zou betalen door overdracht van diverse in beslag genomen roerende en onroerende zaken en banktegoeden.
Veroordeelde heeft het schikkingsaanbod op 22 augustus 2024 ondertekend en voldaan aan zijn verplichtingen onder de schikkingsovereenkomst. Tijdens de zitting van 17 december 2024 was veroordeelde afwezig, maar de officier van justitie bevestigde dat aan alle voorwaarden was voldaan.
De rechtbank constateert dat aan alle voorwaarden voor beëindiging van de ontnemingsprocedure is voldaan, waaronder de onherroepelijke veroordeling, de aanhangige ontnemingsvordering, de schikkingsovereenkomst en de voldoening aan de schikkingsvoorwaarden. De rechtbank besluit dat de ontnemingszaak van rechtswege is geëindigd.