2.3Artikel 6:12, vierde lid, van de Awb bepaalt dat het beroep niet-ontvankelijk is als het beroep onredelijk laat is ingediend.
3. De wetgever heeft geen termijn vastgesteld voor het antwoord op de vraag wanneer een beroep onredelijk laat is ingediend. De beantwoording van de vraag of een beroepschrift dat is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit, onredelijk laat is ingediend, is afhankelijk van de omstandigheden die volgens de belanghebbende de oorzaak zijn dat het beroepschrift zo laat is ingediend. Daarbij is relevant of er nog contact heeft plaatsgevonden tussen het bestuursorgaan en de belanghebbende, hoeveel contact er heeft plaatsgevonden en wat de inhoud daarvan was. Van belang is ook of de belanghebbende zich actief en alert heeft opgesteld.
4. Eiseres heeft op 24 maart 2022 een verzoek om herbeoordeling gedaan.
5. Zoals in het procesverloop is vermeld heeft eiseres het Uwv op 19 september 2022 in gebreke gesteld, waarna het Uwv bij besluit van 23 november 2022 aan eiseres een vergoeding van € 1.442,- voor het te laat beslissen heeft toegekend. Daarna heeft eiseres en op 3 september 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op haar verzoek om herbeoordeling.
6. De rechtbank heeft eiseres bij brief van 11 oktober 2024 gevraagd om toe te lichten wanneer de in het beroepschrift vermelde telefonische contacten met het Uwv hebben plaatsgevonden. In reactie hierop heeft eiseres de rechtbank bij brief van 16 oktober 2024 meegedeeld dat zij telefonische contacten niet vastlegt, tenzij hieruit relevante informatie voor een dossier blijkt. Eiseres vindt dat zij niet onredelijk laat beroep heeft ingesteld. De vertraging bij het indienen van het beroepschrift kan volgens eiseres worden toegeschreven aan de capaciteitsproblemen bij het Uwv en de systemische overbelasting van de rechtspraak, indien alle partijen die het Uwv in gebreke hebben gesteld, beroep zouden instellen.
7. De rechtbank is van oordeel dat eiseres, door pas één jaar en elf maanden na de ingebrekestelling het beroepschrift in te dienen, het beroep onredelijk laat heeft ingediend. De niet geconcretiseerde stelling van eiseres dat zij meerdere malen telefonisch contact heeft onderhouden met het Uwv om naar de stand van zaken te vragen, is onvoldoende voor de rechtbank om anders over de te late indiening te oordelen. Ook de door eiseres genoemde problemen bij het Uwv en de rechtbank ziet de rechtbank niet als goede redenen om zo lang te wachten met het instellen van beroep.
7. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
8. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake.