Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
[eiser],
1.[gedaagde sub 1] BV,
[gedaagde sub 1] BV,
2.
[gedaagde sub 2] B.V.,
[gedaagde sub 2],
3.
[gedaagde sub 3],
[gedaagde sub 3],
[gedaagde sub 3] c.s.,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord;
2.De kern van het geschil
3.De beoordeling
“Periodiek onderhoud conform overeenkomst”. De factuur van [onderneming 2] betreft een abonnement met onderhoudscontract per 1 februari 2024 van een beveiligingsbedrijf. De factuur van [onderneming 3] heeft betrekking op het uitvoeren van een installatiebehandeling met controles en dienstverlening over een periode van 1 februari 2024 tot 30 april 2024. Al deze facturen hebben betrekking op overeenkomsten die [eiser] heeft gesloten voor de exploitatie van zijn onderneming.