Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 januari 2025 op het verzet van
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 januari 2025.
Rechtbank Midden-Nederland
Deze uitspraak betreft het verzet van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht tegen een eerdere uitspraak van 22 november 2023, waarin de rechtbank het beroep van geopposeerde gegrond verklaarde tegen een besluit van 7 april 2023.
De rechtbank heeft in de eerdere uitspraak zonder zitting beslist, conform artikel 8:54 Awb Pro, omdat er naar haar oordeel geen redelijke twijfel bestond over de uitkomst. Het verzet richt zich op de vraag of deze beslissing terecht was, met name omtrent de bereikbaarheid van geopposeerde via e-mail.
Opposante stelde dat geopposeerde wel degelijk voldoende digitaal bereikbaar was, gezien eerdere correspondentie via e-mail in andere zaken. De rechtbank oordeelt echter dat dit niet betekent dat geopposeerde in deze zaak ook elektronisch bereikbaar was, omdat dit niet expliciet kenbaar is gemaakt. De eerdere uitspraak blijft daarom in stand en het verzet wordt ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier S. Ayyildiz op 22 januari 2025.
Uitkomst: Het verzet van het college van burgemeester en wethouders van Utrecht wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.