Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 maart 2025 in de zaak tussen
[eiser] uit [woonplaats] , eiser
Inleiding
28 februari 2023 op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de waarde van de onroerende zaak [straat 1] [nummeraanduiding 1] te [plaats] vastgesteld op € 714.000,- naar de waardepeildatum 1 januari 2022. Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het primaire besluit waarin verweerder een aanslag onroerendezaakbelasting en watersysteemheffing heeft opgelegd.
.Volgens eiser is verweerder er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat de waarde van de woning niet te hoog is vastgesteld. Eiser stelt dat de waarde van de woning
€ 177.000,- is toegekend. Dat bedrag is opgebouwd uit € 900,- voor de eerste 100 m2,
€ 650,- tussen de 101-200m2, en €400,- voor de laatste 55 m2. Bij elkaar opgeteld is dat
€ 90.000,-, € 65.000,- en € 22.000,-, totaal € 177.000,- Deze beroepsgrond slaagt niet.