Stichting Dierenrecht vordert een verklaring voor recht dat gedaagden onrechtmatig handelen door ongespeende kalveren vanuit Ierland te importeren waarbij de kalveren langer dan 9 uur zonder melk worden vervoerd. De stichting wil tevens een gebod opleggen om dit te staken, met dwangsom.
Gedaagden voeren verweer dat de stichting niet-ontvankelijk is omdat zij een bestuursrechtelijke weg heeft via de NVWA om handhaving te verzoeken en zo nodig bij de bestuursrechter te procederen. Daarnaast wordt betwist dat alle gedaagden direct betrokken zijn bij het transport.
De rechtbank oordeelt dat de hoofdregel is dat de burgerlijke rechter niet bevoegd is als er een bestuursrechtelijke procedure openstaat met voldoende waarborgen om hetzelfde resultaat te bereiken. De stichting heeft geen bijzondere omstandigheden gesteld die een uitzondering rechtvaardigen.
Daarom wordt de stichting niet-ontvankelijk verklaard en veroordeeld tot betaling van de proceskosten van gedaagden, begroot op €2.094,00. De proceskostenveroordeling is uitvoerbaar bij voorraad.