Uitspraak
1.De procedure
- de akte van [gedaagde] met producties van 4 februari 2025;
- de akte van [eiser] van 28 februari 2025.
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
968,39 aan proceskosten betalen
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser vordert betaling van € 423,50 voor het opstellen van algemene voorwaarden en € 2.500,16 voor een abonnement op juridische dienstverlening over april 2023 tot en met januari 2025. Gedaagde betwist de opeisbaarheid van de eerste vordering en stelt dat hij slechts een deel van de abonnementskosten hoeft te betalen vanwege opzegging.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering voor de algemene voorwaarden opeisbaar is vanaf het moment dat het eerste concept, waarin alle wensen van gedaagde waren verwerkt, aan hem is gestuurd. De stelling dat het slechts een oningevuld model betrof, wordt verworpen. Ook de opzegging van het abonnement leidt niet tot vermindering van de betalingsverplichting, omdat het abonnement stilzwijgend is verlengd en de opzegging pas na verlenging plaatsvond.
Daarnaast worden buitengerechtelijke incassokosten van € 162,67 toegewezen en wettelijke handelsrente vanaf de vervaldata van de facturen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van in totaal € 3.086,33 plus rente en proceskosten van € 968,39. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het volledige gevorderde bedrag voor algemene voorwaarden en abonnementskosten, inclusief incassokosten en wettelijke rente.