De zaak betreft de verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van drie minderjarige kinderen die sinds februari 2024 in een gezinshuis verblijven. De kinderrechter stelt vast dat de kinderen zich goed ontwikkelen in het gezinshuis en dat de moeder door fysieke en mentale gezondheidsproblemen niet in staat is de zorg op zich te nemen. De vader verblijft in een penitentiaire inrichting en onderhoudt geen contact met de kinderen of de gecertificeerde instelling.
De gecertificeerde instelling verzoekt verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van een jaar. De kinderrechter acht dit noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding van de kinderen. Daarnaast is het van belang dat de omgang tussen de moeder en de kinderen weer wordt opgestart. Sinds eind januari heeft geen omgang plaatsgevonden, mede vanwege de geboorte van een vierde kind met extra zorgbehoefte.
De omgang dient begeleid te worden door deskundigen, waarvoor Comfortzorg is benaderd. De gemeente Lelystad heeft echter de financiering van deze begeleide omgang niet goedgekeurd, wat de kinderrechter zeer zorgelijk acht. De beslissing wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze direct geldt, ook bij hoger beroep.