De zaak betreft de verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, geboren in 2008, door de gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden-Nederland. De kinderrechter had eerder op 8 oktober 2024 de ondertoezichtstelling verlengd tot 10 oktober 2025 en de machtiging tot uithuisplaatsing tot 10 april 2025.
De moeder werkte niet mee aan de startgesprekken voor het perspectiefonderzoek, waardoor de gecertificeerde instelling het afgelopen half jaar geen onderzoek kon doen naar een mogelijke terugplaatsing van de minderjarige thuis. Daarnaast blijft de thuissituatie onveilig vanwege de aanwezigheid van de ex-partner van de moeder, die voor onveiligheid zorgt.
De minderjarige verblijft sinds enkele weken bij een begeleid wonen locatie waar zij zich prettig voelt en die goede toegang biedt tot school en bezoek aan de moeder. Gezien deze omstandigheden acht de kinderrechter verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige.
De machtiging tot uithuisplaatsing wordt daarom verlengd tot 10 oktober 2025, gelijklopend met de ondertoezichtstelling, en de beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De ouders waren niet aanwezig bij de zitting, maar correct opgeroepen. De minderjarige heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid haar mening te geven.
Tegen deze beschikking staat hoger beroep open binnen drie maanden na uitspraak of betekening.