Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
hierna te noemen: verdachte.
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
proces-verbaal van aangifte, houdende de verklaring van [slachtoffer 1] , inhoudende, zakelijk weergegeven: [2]
proces-verbaal van aangifte, houdende de verklaring van [slachtoffer 2] , inhoudende, zakelijk weergegeven: [3]
proces-verbaal van bevindingen, betreffende de camerabeelden [adres] , opgemaakt door verbalisant [verbalisant] , inhoudelijk, zakelijk weergegeven: [4]
proces-verbaal van verhoor getuige, houdende de verklaring van [getuige 1] , inhoudende, zakelijk weergegeven: [5]
proces-verbaal van verhoor getuige, houdende de verklaring van [getuige 2] , inhoudende, zakelijk weergegeven: [6]
verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 18 april 2025, inhoudende zakelijk weergegeven:
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
- een reclasseringsadvies van Reclassering Nederland van 9 augustus 2024;
- een uittreksel justitiële documentatie betreffende verdachte van 6 november 2024, waaruit volgt dat verdachte niet eerder voor soortgelijke strafbare feiten is veroordeeld.
9.BENADEELDE PARTIJEN
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
gevangenisstraf van vijf (5) maanden;
proeftijd van 2 (twee) jarenvast;
taakstraf van 240 (tweehonderdveertig) uren;
wordt vervangen door 120 dagen hechtenis;
ontzegtverdachte ter zake van het onder 1 primair bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van
6 (zes) maanden;
niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast;
proeftijd van 2 (twee) jarenvast;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 3.000,00, bestaande uit een vergoeding voor immateriële schade;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] voor wat betreft de meer gevorderde immateriële schade af;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 september 2022 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 2.000,00, bestaande uit een vergoeding voor immateriële schade;
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] voor wat betreft de meer gevorderde immateriële schade af;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 september 2022 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat