Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van Dienst Toeslagen over de herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag voor de jaren 2006 tot en met 2009. Dienst Toeslagen had een compensatie toegekend vanwege fouten en fraude door de kinderopvangorganisatie. De rechtbank beoordeelde of de herbeoordeling correct was uitgevoerd.
De rechtbank oordeelde dat de compensatie voor 2006 juist was vastgesteld, omdat er geen bewijs was dat kinderopvang voor mei 2006 was genoten. Het standpunt van eiseres dat beide ouders fulltime werkten en daarom opvang aannemelijk was, werd niet gevolgd wegens gebrek aan bewijs.
Wel werd geoordeeld dat Dienst Toeslagen het toeslagjaar 2005 ten onrechte niet had betrokken bij de herbeoordeling. Volgens de rechtbank moet Dienst Toeslagen alle jaren onderzoeken waarin toeslag is aangevraagd, tenzij de aanvrager dit beperkt. Dienst Toeslagen had onvoldoende onderbouwd dat 2005 buiten de aanvraag viel en had onzorgvuldig gehandeld door dit jaar niet mee te nemen.
De rechtbank vernietigde daarom het besluit voor zover 2005 niet was betrokken en bepaalde dat Dienst Toeslagen binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen inclusief 2005. Tevens werd Dienst Toeslagen veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiseres.