Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
- de verdachte;
- de advocaat van verdachte: mr. S. Melliti;
- de deskundigen van de reclassering: N. van den Bos en D. Duinkerke;
- de nabestaanden van het slachtoffer: [nabestaande 1] en [nabestaande 2] ;
- de advocaat van de nabestaanden: mr. N. Hoogenboom;
- de officier van justitie: mr. L. Rinsma.
2.TENLASTELEGGING
3.WAARDERING VAN HET BEWIJS
Datum schouw: 12-06-2024
Letsels: [2] - in de hals links voorwaarts een streepvormige bloeduitstorting (steekwond);
- onder de kaakhoek rechts een scherprandige huidonderbreking van ca. 1 cm lengte met een spitse en een stompe wondhoek (steekwond);
- gegroepeerd in de hals drie scherprandige huidonderbrekingen van 1 tot 1,5 cm lengte (steekwonden);
- snijwonden aan de buigzijde van de pink, ringvinger, en middelvinger van de rechterhand (afweerletsel);
- snijwonden aan de buigzijde van de ringvinger, middelvinger en duim van de linkerhand (afweerletsel);
- in de nek gegroepeerd drie steekwonden (scherprandig, 1 tot 1,5 cm lengte, 1 spitse en 1 stompe wondhoek.
4.BEWEZENVERKLARING
5.KWALIFICATIE EN STRAFBAARHEID
.
6.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
7.BESLAG
8.BENADEELDE PARTIJEN
9.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
10.BESLISSING
gevangenisstraf van 8 jaren;
maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperkingals bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht;
- wijst de vordering van [nabestaande 1] toe tot een bedrag van € 17.500,00;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [nabestaande 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 juni 2024 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [nabestaande 1] aan de Staat € 17.500,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 juni 2024 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 122 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [nabestaande 2] af;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt, tot op heden begroot op nihil.