Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2025:2506

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
21 mei 2025
Publicatiedatum
22 mei 2025
Zaaknummer
C/16/572005 / HL ZA 24-74
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 843a RvArt. 224 RvArt. 208 RvArt. 6 EVRM
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vorderingen wegens onrechtmatige publicatie en proceskostenzekerheid in bodemprocedure

De zaak betreft een geschil tussen [eisers], bestaande uit een besloten vennootschap en een private company limited, en de vereniging Avrotros over een uitzending en publicatie van het programma [programmanaam] waarin de onderneming van [eisers] werd besproken. [Eisers] stelde dat de uitzending onrechtmatig was en vorderde onder meer rectificatie, schadevergoeding en een verbod op verdere uitlatingen.

In de hoofdzaak en het incident ex artikel 843a Rv (oud) vorderde [eisers] inzage in gegevens die ten grondslag liggen aan de uitzending. Tijdens de mondelinge behandeling was [eisers] niet aanwezig en had geen advocaat meer nadat de vorige advocaat zich had onttrokken. Avrotros was wel aanwezig en heeft haar verweren toegelicht.

De rechtbank oordeelde dat de stellingen van [eisers] onvoldoende waren onderbouwd en daarom verworpen moesten worden. De vorderingen in de hoofdzaak werden afgewezen en het belang bij de incidentele vordering verviel daarmee ook. De rechtbank stelde vast dat er geen sprake was van misbruik van procesrecht omdat het herhalen van een verzoek in een bodemprocedure na een kort geding is toegestaan.

Ten slotte veroordeelde de rechtbank [eisers] hoofdelijk in de proceskosten van zowel het incident als de hoofdzaak, waarbij de kosten inclusief salaris advocaat en griffierecht werden vastgesteld. Het vonnis werd op 21 mei 2025 uitgesproken door mr. M.M.J. Schoenaker.

Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eisers af en veroordeelt hen in de proceskosten.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht
handelskamer
locatie Lelystad
zaaknummer / rolnummer: C/16/572005 / HL ZA 24-74
Vonnis in incident ex 843a Rv (oud) en in de hoofdzaak van 21 mei 2025
in de zaak van
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiseres sub 1] B.V.,
hierna te noemen: [eiseres sub 1] ,
gevestigd te Gemeente [gemeente] ,
2. de private company limited naar Hong Kongs recht
[eiseres sub 2] LIMITED,hierna te noemen: [eiseres sub 2] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
3.
[eiser sub 3],
hierna te noemen: [eiser sub 3] ,
wonende te [woonplaats] ,
eisers in de hoofdzaak tevens houdende incidentele vordering ex artikel 843a Rv (oud),
verweerders in het incident tot het stellen van proceskostenzekerheid,
advocaat: onttrokken (voorheen mr. M.P.M. Riep te ’s-Hertogenbosch),
tegen
de vereniging
AVROTROS,
gevestigd te Hilversum,
gedaagde in de hoofdzaak tevens houdende incidentele vordering ex artikel 843a Rv (oud),
eiseres in het incident tot het stellen van proceskostenzekerheid,
advocaat mr. H.A.J.M. van Kaam te Amsterdam.
Partijen zullen hierna [eisers] (voor partijen 1 tot en met 3 gezamenlijk) en Avrotros genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
In het dossier zitten de volgende processtukken:
- de dagvaarding met ook een incidentele vordering ex artikel 843a Rv (oud) met producties 1 tot en met 23
  • het incidentele vonnis van 5 juni 2024 over het verzoek van Avrotros tot het stellen van zekerheid ex artikel 224 jo Pro 208 Rv
  • de akte waarin Avrotros zich uitlaat over de zekerheidsstelling door [eisers]
  • de conclusie van antwoord in de hoofdzaak en in het incident met producties 1 tot en met 59
1.4.
Daarna is vonnis bepaald op 21 mei 2025.

2.De beoordeling

Kern van de zaak
2.1.
Aanleiding voor het geschil tussen partijen vormt een uitzending van het programma [programmanaam] van Avrotros op [datum] 2023 over (de onderneming van) [eisers] met als titel ‘Betalen, maar niks krijgen bij [eisers]’ en een bijbehorende publicatie op de website van [programmanaam]. Volgens [eisers] is, kort gezegd, de uitzending en publicatie daarvan onrechtmatig.
2.2.
[eisers] vordert in incident om inzage en afgifte van gegevens en documenten die ten grondslag liggen aan of verband houden met de uitzending op grond van artikel 843a van het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) (oud).
2.3.
In de hoofdzaak vordert [eisers] een verklaring voor recht dat Avrotros onrechtmatig heeft gehandeld, een vergoeding van schade nader op te maken bij staat en een voorschot op de schade van € 80.000. Daarnaast vordert zij rectificatie, verwijdering van de uitzending van internet en een verbod tot het doen van (verdere) uitlatingen en/of publicaties, een en ander op straffe van dwangsommen.
In de hoofdzaak en in het incident ex artikel 843a Rv (oud)
2.4.
Omdat [eisers] in de procedure niet is verschenen, is alles wat Avrotros heeft aangevoerd in reactie op de stellingen van [eisers] niet weersproken. De stellingen van [eisers] worden daarom als onvoldoende onderbouwd verworpen. Dit betekent dat de vorderingen van [eisers] in de hoofdzaak niet toewijsbaar zijn.
2.5.
Ook de incidentele vordering ex 843a Rv (oud) van [eisers] wordt afgewezen. [eisers] verlangde inzage en afgifte van gegevens en documenten om haar vorderingen in de hoofdzaak te onderbouwen. Omdat de vorderingen in de hoofdzaak worden afgewezen, heeft [eisers] geen belang bij haar incidentele vordering.
Proceskosten2.6. Avrotros verzoekt om bij het salaris advocaat uit te gaan van het hoogste liquidatietarief, omdat volgens haar sprake is van misbruik van recht. Daartoe stelt zij dat [eisers] onnodig een incidentele vordering heeft ingesteld, omdat het een herhaling van zetten zou zijn ten opzichte van het eerdere gevoerde kort geding waarin ook een vordering op grond van 843a Rv centraal stond. De rechtbank gaat hierin niet mee. Van misbruik van procesrecht is pas sprake als het instellen van de vordering, gelet op de evidente ongegrondheid ervan, in verband met de betrokken belangen van de wederpartij achterwege had behoren te blijven. Dit is aan de orde als de verzoeker zijn verzoek baseert op feiten en omstandigheden waarvan hij de onjuistheid kende dan wel behoorde te kennen of op stellingen waarvan hij op voorhand moest begrijpen dat deze geen kans van slagen hadden (HR 29 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3516). Bij het aannemen van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen door het aanspannen van een procedure past terughoudendheid, gelet op het recht op toegang tot de rechter dat mede gewaarborgd wordt door artikel 6 EVRM Pro (HR 15 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2360).
2.7.
In deze zaak is eerst een vordering ingesteld in een kort geding procedure en later in een bodemprocedure. Dit is niet ongebruikelijk. Het kort geding en de bodemprocedure vormen twee volledige naast elkaar bestaande rechtsgangen. Wat in kort geding voorlopig is beoordeeld, kan door een partij opnieuw ter discussie worden gesteld in een bodemprocedure. Het stond [eisers] dan ook vrij in een bodemprocedure opnieuw inzage ex artikel 843a Rv te vorderen. Er is dus geen sprake van misbruik van recht. De rechtbank zal bij het salaris advocaat daarom uitgaan van het gebruikelijke tarief.
In het incident2.8. [eisers] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident aan de zijde van Avrotros worden veroordeeld. De mede gevorderde nakosten acht de rechtbank eveneens toewijsbaar. Deze kosten worden begroot op:
- salaris advocaat € 1.228,00 (2 punten × tarief II)
- nakosten
178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 1.406,00
In de hoofdzaak2.9. [eisers] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten aan de zijde van Avrotros worden veroordeeld. De mede gevorderde nakosten acht de rechtbank eveneens toewijsbaar. Deze kosten worden begroot op:
- griffierecht € 2.889,00
- salaris advocaat € 2.428,00 (2 punten × tarief IV)
- nakosten
178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 5.495,00
2.10.
De veroordelingen in de proceskosten worden hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen aan Avrotros.
3.
De beslissing
De rechtbank
in het incident (art. 843a Rv)
3.1.
wijst de incidentele vordering af,
3.2.
veroordeelt [eisers] hoofdelijk in de proceskosten van dit incident van
€ 1.406,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als [eisers] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet zij
€ 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,
3.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
in de hoofdzaak
3.5.
wijst de vorderingen af,
3.6.
veroordeelt [eisers] hoofdelijk in de proceskosten van € 5.495,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als [eisers] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet zij
€ 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,
3.7.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.8.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.M.J. Schoenaker en in het openbaar uitgesproken op 21 mei 2025.