ECLI:NL:RBMNE:2025:2615

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
28 mei 2025
Publicatiedatum
27 mei 2025
Zaaknummer
11709809
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 139 RvArt. 555 RvArt. 502 lid 1 RvRichtlijn 93/13 EG
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tijdelijke ontruiming woning voor renovatiewerkzaamheden wegens overvolle woning

Lekstede Wonen vordert in kort geding een voorlopige voorziening tot tijdelijke ontruiming van een woning vanwege renovatiewerkzaamheden. De woning staat te vol met spullen, waardoor de noodzakelijke werkzaamheden niet kunnen worden uitgevoerd. De huurders, die niet zijn verschenen, weigeren medewerking te verlenen.

De kantonrechter oordeelt dat Lekstede Wonen ontvankelijk is en dat het spoedeisend belang aanwezig is. De redelijkheid van het renovatievoorstel is vastgesteld omdat 70% van de huurders heeft ingestemd en de huurders geen procedure zijn gestart binnen de gestelde termijn. Er is geen sprake van oneerlijke bedingen in de huurovereenkomst.

De kantonrechter veroordeelt de huurders tot medewerking aan de werkzaamheden en tot tijdelijke ontruiming van de woning voor de duur van de renovatie. De ontruimingstermijn wordt vastgesteld op onmiddellijk na betekening van het vonnis. De proceskosten worden hoofdelijk aan de huurders opgelegd en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Huurders worden veroordeeld tot tijdelijke ontruiming en medewerking aan renovatiewerkzaamheden.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: 11709809 \ UV EXPL 25-129 BJvd/61169
Vonnis in kort geding van 28 mei 2025
in de zaak van
STICHTING LEKSTEDE WONEN,
gevestigd te Vianen ,
eisende partij,
hierna te noemen: Lekstede Wonen,
gemachtigde: mr. M.P.H. van Wezel,
tegen

1.[gedaagde sub 1] ,

wonend in [woonplaats] ,
2.
[gedaagde sub 2],
wonend in [woonplaats] ,
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: [gedaagde sub 1] c.s.,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding,
- het tegen [gedaagde sub 1] c.s. verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is bepaald dat er een vonnis zal worden uitgesproken.

2.De beoordeling

2.1.
Lekstede Wonen heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
2.2.
Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. De kantonrechter moet daarom eerst beoordelen of Lekstede Wonen ten tijde van dit vonnis bij die voorziening een spoedeisend belang heeft. Lekstede Wonen is ontvankelijk in haar vordering, omdat een vordering tot ontruiming naar haar aard spoedeisend is.
2.3.
Artikel 139 Rv Pro bepaalt dat in een verstekzaak de vordering van eiser wordt toegewezen, tenzij de rechter de vordering ongegrond of onrechtmatig voorkomt.
2.4.
Uit de overgelegde en niet betwiste stukken blijkt dat Lekstede Wonen sinds 2009 een huurovereenkomst heeft met [gedaagde sub 1] c.s. en dat Lekstede Wonen aan [gedaagde sub 1] c.s. en de andere huurders in het rijtje de folder ‘Verduurzaming & onderhoud van 15 woningen aan [straat] in [plaats] ’ heeft gestuurd. Op 7 februari 2025 heeft Lekstede Wonen [gedaagde sub 1] c.s. per brief laten weten dat 70% van de huurders heeft ingestemd met het voorstel voor de renovatiewerkzaamheden en [gedaagde sub 1] c.s. is niet binnen acht weken na de brief een procedure bij de kantonrechter gestart om de redelijkheid van het voorstel te laten toetsen. Daarmee is de redelijkheid van het voorstel komen vast te staan en kan [gedaagde sub 1] c.s. gehouden worden om mee te werken aan het voorstel.
2.5.
De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd terwijl de huurder in de woning blijft wonen, maar er moet wel toegang worden verleend tot de woning. [gedaagde sub 1] c.s. heeft laten weten niet te willen meewerken aan de voorbereidende werkzaamheden die moeten worden gedaan in de woning. Daarnaast is gebleken dat de woning van [gedaagde sub 1] c.s. te vol staat om de werkzaamheden in de woning te kunnen uitvoeren. Lekstede Wonen vordert daarom medewerking van [gedaagde sub 1] c.s. om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren. Lekstede Wonen vordert ook tijdelijke ontruiming van [gedaagde sub 1] c.s. uit de woning. Lekstede Wonen heeft toegelicht dat dit in beginsel neerkomt op het kunnen openen van de deur en het (tijdelijk) kunnen ontruimen van spullen. Pas als het noodzakelijk blijkt dat [gedaagde sub 1] c.s. ook uit de woning moet worden ontruimd zal Lekstede Wonen daartoe overgaan. Het is niet gebleken dat er minderjarigen in de woning van [gedaagde sub 1] c.s. verblijven.
2.6.
De huurovereenkomst is gesloten met een consument en daarom moet er een ambtshalve toetsing aan het Europese en Nederlandse consumentenrecht plaatsvinden, in het bijzonder aan de Richtlijn 93/13 EG (Richtlijn oneerlijke bedingen). De kantonrechter heeft onderzocht of er oneerlijke bepalingen zijn, maar die zijn er niet. Daarbij is alleen gekeken naar bepalingen die voor deze zaak van belang zouden kunnen zijn. Bepalingen die voor beoordeling van de eis niet relevant zijn, heeft de kantonrechter dus niet getoetst.
2.7.
Gelet op het bovenstaande komen de gevorderde tijdelijke ontruiming en de daaraan verbonden nevenvorderingen van Lekstede Wonen de kantonrechter niet ongegrond of onrechtmatig voor en zullen worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld. De kantonrechter bepaalt de ontruimingstermijn op onmiddellijk na betekening van dit vonnis op grond van artikel 555 en Pro artikel 502 lid Pro 1, derde volzin, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De renovatiewerkzaamheden starten immers al op 2 juni 2025 en Lekstede Wonen heeft toegezegd alleen daadwerkelijk te gaan ontruimen indien dit absoluut noodzakelijk is.
2.8.
[gedaagde sub 1] c.s. is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Lekstede Wonen worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
144,47
- griffierecht
135,00
- salaris gemachtigde
543,00
- nakosten
135,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
957,47
2.9.
De veroordelingen worden hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen.
Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard
2.10.
Het vonnis zal uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard, zoals is gevorderd. Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als een van partijen hoger beroep instelt tegen deze beslissing. De beslissing van de kantonrechter geldt in dat geval totdat het gerechtshof een andere beslissing neemt.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
veroordeelt [gedaagde sub 1] c.s. om medewerking te verlenen aan alle werkzaamheden die noodzakelijk zijn in verband met het in de dagvaarding genoemde voorstel ‘’Verduurzaming & onderhoud van 15 woningen aan [straat] in [plaats] ’’ en de in de dagvaarding onder punt 3 vermelde werkzaamheden en de te realiseren staat van de woning aan het adres [straat] [nummer] te [plaats] en het complex waarin deze woning is gelegen, en om medewerking te verlenen aan de voorbereiding van die werkzaamheden, dit alles toe te laten en te duldenen daartoe gelegenheid en toegang tot de woning en/of de bijbehorende onroerende aanhorigheden te geven,
3.2.
veroordeelt [gedaagde sub 1] c.s. om de woning aan het adres [straat] [nummer] te [plaats] en/of de bijbehorende onroerende aanhorigheden, onmiddellijk na betekening van dit vonnis tijdelijk, dat wil zeggen voor de duur van de uitvoering van de werkzaamheden en voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de werkzaamheden, te ontruimen met al degenen die zich daar vanwege [gedaagde sub 1] c.s. bevinden en al hetgeen zich daarin vanwege [gedaagde sub 1] c.s. bevindt, zodat Lekstede Wonen alle werkzaamheden kan (doen) uitvoeren die noodzakelijk zijn om de in de dagvaarding en het hiervoor in 3.1. genoemde voorstel vermelde werkzaamheden en de te realiseren staat te verwezenlijken,
3.3.
veroordeelt [gedaagde sub 1] c.s. hoofdelijk in de proceskosten van € 957,47, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde sub 1] c.s. niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. S. Koppert en bij haar afwezigheid in het openbaar uitgesproken door mr. Y.M. Vanwersch op 28 mei 2025.