Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord, met producties, met daarin ook een voorwaardelijke eis in reconventie.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser kocht op 4 april 2024 een tweedehands auto van gedaagde en stelde dat de auto non-conform was vanwege een defecte distributieketting. Hij ontbond de koopovereenkomst op 7 mei 2024 en vorderde terugbetaling van de koopprijs en ophaling van de auto.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende had onderbouwd dat de auto daadwerkelijk een verborgen gebrek had. De enige onderbouwing was een offerte van een garagebedrijf, die niet aantoonde dat de distributieketting defect was. Bovendien reed eiser na het vermeende advies van het garagebedrijf nog meerdere keren met de auto, wat niet strookt met de stelling dat de auto onveilig was.
Daarnaast was niet vastgesteld dat gedaagde had geweigerd de auto kosteloos te repareren. Eiser had onvoldoende herstelmogelijkheid geboden, omdat hij al snel na het eerste contact aangaf van de koop af te willen zonder een redelijke termijn voor herstel te geven.
De vorderingen van eiser werden daarom afgewezen en hij werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten. De voorwaardelijke reconventionele vordering van gedaagde werd niet behandeld omdat de hoofdvorderingen werden afgewezen.
Uitkomst: De vorderingen tot ontbinding van de koopovereenkomst en terugbetaling worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van non-conformiteit en het niet bieden van herstelmogelijkheid.