Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- ‘
- ‘ [B (voornaam)] en/of een of meer (andere) personen in de omgeving van die [slachtoffer] te berichten en/of te bellen, althans daarmee contact te leggen’.
proces-verbaal van bevindingen met bijlagen [2] van 17 september 2024 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van aangifte met fotobijlage [3] – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
proces-verbaal ontvangst klacht [4] – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
proces-verbaal van bevindingen met bijlage [5] van 17 september 2024 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen [6] van 20 september 2024 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen met bijlage [7] van 10 november 2024 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen met bijlage [8] van 24 januari 2025 – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
ter terechtzittingvan 23 mei 2025 verklaard:
Tot het moment dat hij me vertelde dat hij een tatoeage van mijn naam boven zijn wenkbrauw had laten zetten. In eerste instantie dacht ik dat het een vreselijke grap was. Maar hoe kan iemand zoiets doen, zo zichtbaar, zo permanent, zo grenzeloos? Het voelde als een dreigement, alsof hij nooit van plan is om mij echt los te laten.”De rechtbank is gelet op het vorenstaande ervan overtuigd dat aangeefster ook deze gedraging van verdachte als belagend heeft ervaren.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
- het strafblad van verdachte van 1 november 2024, waaruit blijkt dat hij eerder voor een soortgelijk strafbaar feit (belaging) is veroordeeld (nog niet onherroepelijk);
- een rapport van de psycholoog van 5 april 2025;
- een rapport van de psychiater van 28 februari 2025;
- een rapport van 28 april 2025 van de reclassering, [instelling] .
9.BESLAG
- 1 STK Hashish (omschrijving: PL0900-2024271960-G3407178 3 blokjes hasj);
- 1 STK Xtc (omschrijving: PL0900-2024271960-G3407202 3X XTC pil).
10.BENADEELDE PARTIJ
€ 1.000,- geheel toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente, steeds vanaf het moment dat de kosten zijn gemaakt tot de dag van volledige betaling, zoals opgenomen in het dictum van dit vonnis.
11.VORDERING TENUITVOERLEGGING
12.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
13.BESLISSING
gevangenisstraf van 300 (driehonderd) dagen;
ter beschikking wordt gestelden beveelt dat de opgelegde maatregel
dadelijk uitvoerbaar is,en
stelt daarbij de volgende voorwaardenbetreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde:
Geen strafbare feiten plegen
Meewerken aan reclasseringstoezicht
Opnemen zorginstelling
Drugsverbod
Alcoholverbod
Dagbesteding
Meewerken aan schuldhulpverlening
- geeft opdracht aan reclassering de ter beschikking gestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen;
- beveelt dat de
- 1 STK Hashish (omschrijving: PL0900-2024271960-G3407178 3 blokjes hasj);
- 1 STK Xtc (omschrijving: PL0900-2024271960-G3407202 3X XTC pil);
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 3.000,-, bestaande uit een bedrag van € 1.000,- voor materiële schade en een bedrag van € 2.000,- voor immateriële schade;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer] van het toegewezen bedrag, ter vermeerderen met de wettelijke rente gerekend:
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 12 oktober 2024;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 30 oktober 2024;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 12 november 2024;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 2 december 2024;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 15 januari 2025;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 24 januari 2025;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 7 februari 2025;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 21 februari 2025;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 3 maart 2025;
- over een bedrag van € 100,- met ingang van 17 maart 2025;
- over een bedrag van € 2.000,- met ingang van 21 juni 2024;
€ 3.000,- te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente gerekend:
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;