ECLI:NL:RBMNE:2025:3012
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete voor overtreding uniformplicht door inlenende beveiligingsorganisatie
Eiseres, een beveiligingsbedrijf en vergunninghouder, kreeg een bestuurlijke boete opgelegd door de minister van Justitie en Veiligheid wegens het niet dragen van het wettelijk goedgekeurde uniform door ingeleende beveiligers tijdens de beveiliging van een kermis. De ingeleende beveiligers droegen geen uniform met het bedrijfslogo van eiseres, wat in strijd is met artikel 9, eerste lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr).
Eiseres stelde dat zij niet verantwoordelijk was voor het uniform omdat zij slechts opdracht had gegeven tot neutrale kleding en verwees naar de samenwerkingsovereenkomst met het ingehuurde bedrijf. De rechtbank oordeelde echter dat de verantwoordelijkheid voor het dragen van het juiste uniform bij eiseres lag, aangezien zij kon beschikken over het uniform en door het overlaten aan het ingehuurde bedrijf heeft aanvaard dat het bedrijfslogo ontbrak.
De rechtbank vond de overtreding zwaarwegend en zag geen reden tot matiging of waarschuwing. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de minister inmiddels een besluit had genomen. Het beroep tegen de boete werd ongegrond verklaard, waardoor de boete van € 2.000 (vier maal € 500) gehandhaafd blijft. Wel werd eiseres een proceskostenvergoeding van € 453,50 toegekend en het betaalde griffierecht van € 371,- vergoed.
De uitspraak werd mondeling gedaan op 12 juni 2025 door rechter M. Eversteijn in aanwezigheid van griffier K.E. Pruntel. Partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De bestuurlijke boete van € 2.000 wegens overtreding van de uniformplicht blijft in stand.