Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 juni 2025 in de zaak tussen
[eiseres], uit [woonplaats], eiseres
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
Verhinderd deze
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres maakte bezwaar tegen de beëindiging van haar Ziektewet-uitkering door het UWV, dat vond dat zij meer dan 65% van haar vroegere loon kon verdienen. De rechtbank behandelde het beroep op 31 maart 2025 en oordeelde dat het UWV zijn besluiten zorgvuldig mag baseren op rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen.
Eiseres stelde dat het onderzoek onzorgvuldig was en dat haar medische beperkingen, waaronder psychomotorische traagheid en neurologische klachten, waren onderschat. De rechtbank stelde vast dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep het dossier grondig had bestudeerd, eiseres had gehoord en medische informatie had opgevraagd. De rechtbank vond dat het UWV geen inzage hoefde te geven in aantekeningen van de verzekeringsarts, omdat deze niet relevant waren en niet bestonden als apart document.
Verder oordeelde de rechtbank dat de beperkingen van eiseres niet waren onderschat, omdat de verzekeringsarts de medische gegevens en observaties voldoende had gemotiveerd en dat eiseres geschikt was voor de geselecteerde functies. De arbeidsdeskundige had toegelicht dat de functies geen bovenmatige concentratie vereisten en dat de functiebeschrijvingen betrouwbaar waren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitkering bleef beëindigd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar Ziektewet-uitkering is ongegrond verklaard.