Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 en 2,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
2.De kern van de zaak
3.De achtergrond van de zaak
‘Termination Confirmed’en
‘end date
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser sloot met gedaagde een overeenkomst van opdracht voor een tijdelijke zzp-opdracht bij Nationale Nederlanden van 1 juli 2024 tot 15 november 2024. Eiser stelt dat zij haar werkzaamheden plotseling moest staken zonder rechtsgeldige opzegging en vordert betaling over de volledige looptijd.
De kantonrechter oordeelt dat de opzegging door de klant of diens bemiddelaar niet rechtsgeldig was, omdat alleen gedaagde bevoegd was tot opzegging. De opzegging door gedaagde vond plaats per 16 september 2024, met een opzegtermijn van een maand. De opzegging met terugwerkende kracht per 9 september 2024 is niet mogelijk.
Er is geen sprake van een situatie die een onmiddellijke beëindiging zonder opzegtermijn rechtvaardigt. Daarom heeft eiser recht op betaling over de periode van 9 tot en met 15 oktober 2024, maar niet over de resterende contractduur tot 15 november 2024.
De kantonrechter wijst de vordering tot betaling over de volledige looptijd af en oordeelt dat het handelen van gedaagde niet onrechtmatig is. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 2.026,48 inclusief BTW en de proceskosten van € 715,35, met wettelijke rente en uitvoerbaarheid bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde moet € 2.026,48 betalen voor de resterende opzegtermijn en proceskosten, vordering voor volledige contractduur wordt afgewezen.