ECLI:NL:RBMNE:2025:3283
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op basisbeurs na herinvoering voor student met vijf jaar prestatiebeurs
Eiseres heeft van 1 september 2018 tot 1 september 2023 studiefinanciering ontvangen in de vorm van een prestatiebeurs tijdens het leenstelsel, bestaande uit een lening en reisvoorziening. Met de herinvoering van de basisbeurs per 1 september 2023 stelt eiseres aanspraak te maken op een basisbeurs voor het studiejaar 2023/2024. De minister wijst dit af omdat eiseres op dat moment al vijf jaar prestatiebeurs heeft gehad, de maximale nominale duur.
De rechtbank stelt vast dat er geen overgangsrecht is opgenomen in de wet die de basisbeurs herintroduceert. Hierdoor kan eiseres geen recht ontlenen aan de basisbeurs, ondanks dat zij nog studeerde en een reisvoorziening ontving vanwege een extra coronajaar. De rechtbank benadrukt dat dit het gevolg is van een bewuste keuze van de wetgever, die het zogenaamde 'gat' voor deze pechgeneratie erkent maar niet compenseert met overgangsrecht.
Eiseres beroept zich op de hardheidsclausule en het evenredigheidsbeginsel, maar de rechtbank wijst dit af vanwege het toetsingsverbod van artikel 120 Grondwet Pro en het ontbreken van bijzondere omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigen. De minister heeft het besluit voldoende gemotiveerd en de rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Eiseres heeft geen recht op basisbeurs voor studiejaar 2023/2024; beroep ongegrond verklaard.