De zaak betreft een kort geding waarin eiser, eigenaar van een woning en bedrijfspand die ruim twee jaar leegstaan en te koop zijn, vordert dat de krakers de panden ontruimen. De krakers verblijven zonder recht in de panden sinds oktober 2024. Eiser stelt dat de kraak de verkoop belemmert en heeft een spoedeisend belang bij ontruiming.
De voorzieningenrechter overweegt dat het eigendomsrecht van eiser prevaleert, mits geen misbruik van recht wordt gemaakt en geen ongerechtvaardigde leegstand ontstaat. Eiser heeft aannemelijk gemaakt dat hij de panden actief verkoopklaar maakt en dat ontruiming geen ongerechtvaardigde leegstand veroorzaakt. De belangenafweging leidt tot toewijzing van de ontruimingsvordering met een termijn van drie weken.
De vorderingen tot betaling van gas-, water- en stroomkosten worden afgewezen wegens gebrek aan concrete onderbouwing en het feit dat krakers sinds eind december zelf een energiecontract hebben. Ook de vordering voor advertentiekosten wordt afgewezen omdat anonieme betekening niet nodig was. De krakers worden hoofdelijk veroordeeld in de proceskosten van €1.760,47. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.