ECLI:NL:RBMNE:2025:3863
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling betalingsregeling terugvordering toeslagen en afwijzing beroep
Eiser maakte bezwaar tegen de door Dienst Toeslagen vastgestelde betalingsregeling voor de terugvordering van huurtoeslag, zorgtoeslag en kinderopvangtoeslag over 2022 en 2023, ter hoogte van €7.573,-. Dienst Toeslagen had een standaardregeling vastgesteld waarbij eiser gedurende 24 maanden €316,- per maand moet terugbetalen. Eiser betoogde dat dit bedrag te hoog is vanwege zijn financiële situatie, waaronder een niet verlengd jaarcontract, kosten voor huisinrichting, gemeentelijke belastingen en naturalisatie.
De rechtbank overwoog dat de wet geen ruimte biedt voor kwijtschelding van toeslagschulden en dat terugbetaling binnen zes weken na beschikking vereist is. Wel is een betalingsregeling mogelijk, gebaseerd op de betalingscapaciteit. Dienst Toeslagen had de betalingscapaciteit van eiser berekend op €1.887,- per maand, ruim voldoende voor de voorgestelde termijn en maandbedrag. De rechtbank vond geen aanleiding om deze berekening te betwijfelen.
Hoewel eiser aanvullende omstandigheden aanvoerde, ontbrak de onderbouwing daarvan in de besluitvorming. Dienst Toeslagen adviseerde een nieuwe aanvraag met bewijsstukken. De rechtbank concludeerde dat de omstandigheden waarschijnlijk geen invloed op het maandbedrag zullen hebben. Omdat eiser niet aanwezig was op de zitting, kon de rechtbank niet verder verkennen welke hulp geboden kon worden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, bevestigde de juiste vaststelling van de betalingsregeling door Dienst Toeslagen en wees verzoeken tot kwijtschelding af. Eiser krijgt geen terugbetaling van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de vastgestelde betalingsregeling wordt ongegrond verklaard.