Eiseres werkte als assemblagemedewerker en viel op 6 december 2021 ziek uit, waarna zij een Ziektewetuitkering ontving. Na een periode van ziekte en bevalling werd haar uitkering op 9 oktober 2023 door het UWV stopgezet met ingang van 10 november 2023, omdat zij volgens medische en arbeidskundige rapporten meer dan 65% van haar maatmaninkomen kan verdienen.
Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en haar beperkingen niet volledig waren meegewogen. De rechtbank stelde vast dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij rekening was gehouden met zowel fysieke als psychische klachten. Nieuwe medische informatie bracht geen aanleiding tot aanpassing van de functionele mogelijkhedenlijst.
De rechtbank benadrukte dat de beoordeling betrekking heeft op de situatie op 10 november 2023 en dat latere verslechteringen buiten deze procedure vallen. Ook de arbeidskundige beoordeling was zorgvuldig en hield voldoende rekening met de beperkingen van eiseres. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit tot stopzetting van de uitkering bleef in stand.