Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. G.A. Hoppenbrouwers;
- de advocaat van de verdachte: mr. M.G. Vos;
- dhr. [slachtoffer 1] ;
- mevrouw [A] van Slachtofferhulp Nederland;
- de advocaat van benadeelde partij [slachtoffer 2] : mr. M. Rotgans.
2.Tenlastelegging
3.Bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid
5.Straf en maatregel
€ 750,00. Maar vanwege de ernst van de feiten en omstandigheden, zoals hierboven omschreven, ziet de rechtbank geen andere mogelijkheid dan oplegging van een gevangenisstraf van aanzienlijke duur. Daarbij weegt de rechtbank in strafverzwarende zin mee dat het, wat de poging doodslag betreft, gaat om uitgaansgeweld. Bovendien is de confrontatie bij beide geweldsdelicten opgezocht door de verdachte - uit niets blijkt immers dat een van de slachtoffers dat heeft gedaan. Verder weegt strafverzwarend dat de verdachte bij het geweld tegen [slachtoffer 2] van tevoren een steekvoorwerp heeft meegenomen en daar dus kennelijk mee rondliep over straat en in het café. De bij de verdachte vastgestelde problematiek weegt strafmatigend.
6.Vordering benadeelde partij
- zijn Eigen Risico van 2024 ter hoogte van € 585,00 vanwege het vervoer met de ambulance naar het ziekenhuis;
- zijn Eigen Risico van 2025 ter hoogte van € 585,00 vanwege de behandelingen bij de psycholoog;
- de kosten van de taxirit naar huis op 3 november 2024, van € 20,90;
- de aanschaf van vervangende kleding, omdat de trui van [slachtoffer 2] kapot is geknipt om hem medisch te behandelen en zijn broek en schoenen onder het bloed zaten, in totaal € 410,85.
€ 12.500,00.
7.Toegepaste wetsartikelen
8.De beslissing
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 1.601,75 aan materiële schade en € 12.500,00 aan immateriële schade;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wordt berekend over het bedrag van € 12.500,00 vanaf 2 november 2024, over het bedrag van € 20,90 vanaf 3 november 2024, over het bedrag van € 585,00 vanaf 14 november 2024, over het bedrag van € 410,85 vanaf 15 november 2024, over het bedrag van € 159,36 vanaf 26 februari 2025 en over het bedrag van € 425,64 vanaf 31 maart 2025, tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 14.101,75 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wordt berekend over het bedrag van € 12.500,00 vanaf 2 november 2024, over het bedrag van € 20,90 vanaf 3 november 2024, over het bedrag van € 585,00 vanaf 14 november 2024, over het bedrag van € 410,85 vanaf 15 november 2024, over het bedrag van € 159,36 vanaf 26 februari 2025 en over het bedrag van € 425,64 vanaf 31 maart 2025, tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 105 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- verklaart [slachtoffer 3] niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 600,00;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 november 2024 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 600,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 november 2024 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 12 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- man
- blanke huidskleur
- lang hoofd
- kort blond haar
- geen gezichtsbeharing
- geen bril
- zwarte jas
- grijze hoody
- het leek alsof hij drugs gebruikt had
Door een medewerker van [café] zijn aan de politie afbeeldingen overhandigd waarop gegevens van de voornoemde transactie inzichtelijk zijn. Hierop zijn, onder andere, de volgende gegevens te zien:
Status: mislukt
Bedrag: 3,80
Terminal ID: CT316853
PAN Nummer: [PAN nummer]
Dat het een debitcard betrof, behorende bij de bank: Bunq b.v. De rekeninghouder betrof:
[verdachte]
Geboren op [1997] [22]
- man;
- kaal;
- blanke huidskleur;
- tussen de 20 en 30 jaar oud;
- lichte spijkerbroek;
- donkere jas;
- zwarte schoenen;
- witte oortjes met draad eraan.
Hij had alleen nu geen pet op. De melder vertelde dat hij een soort litteken op het voorhoofd van de man zag.
[verdachte]
Geboren [1997] (28) te [geboorteplaats] (Nederland)
Ik zag verschillende overeenkomsten, waaronder zijn lichte huidskleur, vorm van zijn gezicht, kalend/ heel kort haar, puntige neus, postuur, mondplooien.