ECLI:NL:RBMNE:2025:4396
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening voor plaatsing traplift
In deze bestuursrechtelijke zaak verzoekt de eiser een voorlopige voorziening om een traplift zo snel mogelijk adequaat en veilig te laten plaatsen. Het college van burgemeester en wethouders van Almere heeft op grond van de Wmo een traplift met één bocht toegekend, maar de eiser is het oneens met de plaatsing aan de buitenzijde van de trap.
De voorzieningenrechter beoordeelt dat het valrisico van de eiser door het college is erkend en dat de traplift inmiddels is ingemeten, op maat gemaakt en geleverd. De montage is uitgesteld vanwege discussie over de plaatsing, maar dit vormt geen spoedeisend belang voor een voorlopige voorziening.
Daarnaast is het bestreden besluit niet evident onrechtmatig, omdat er geen ernstige twijfel bestaat over de rechtmatigheid en het besluit in de bodemprocedure waarschijnlijk stand zal houden. Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor de traplift wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang en niet evident onrechtmatigheid.