Uitspraak
1.[gedaagde sub 1] ,
2.
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft een overeenkomst tussen eiseres, een zwemschool, en gedaagden die zwemlessen voor hun zoon hebben afgenomen. Eiseres vorderde betaling van een deel van het lesgeld over een periode die was ingegaan op 4 februari 2024, alsmede rente en kosten. Gedaagden hadden de overeenkomst op 3 februari 2024 opgezegd.
De rechtbank oordeelt dat partijen een overeenkomst van opdracht zijn aangegaan en dat gedaagden als consumenten worden beschermd tegen oneerlijke bedingen. De zwemschool had in haar algemene voorwaarden een opzegtermijn van vier weken opgenomen, maar deze bepaling werd door de rechtbank vernietigd omdat deze een onredelijke verlenging van de opzegtermijn inhield, wat niet is toegestaan volgens het Burgerlijk Wetboek en Europese richtlijnen.
Na vernietiging van het onredelijke beding kon de overeenkomst per direct worden opgezegd zonder dat gedaagden enige vergoeding verschuldigd waren. De vordering van eiseres wordt daarom afgewezen. Tevens worden de buitengerechtelijke kosten en rente afgewezen en wordt eiseres veroordeeld in de proceskosten, die nihil worden begroot omdat geen mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden.
Uitkomst: De vordering van de zwemschool wordt afgewezen wegens vernietiging van het onredelijke beding over de opzegtermijn.