De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de kinderrechter om een voorlopige ondertoezichtstelling van twee minderjarigen en een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van één minderjarige wegens ernstige zorgen over hun gezondheid en ontwikkeling.
De ouders willen een risicovolle en medisch niet geïndiceerde operatie voor hun kind laten uitvoeren in Spanje, ondanks het advies van meerdere artsen tegen deze ingreep. Deskundigen kwalificeren dit als mogelijke kindermishandeling door middel van falsificatie (Münchhausen by proxy). Daarnaast is er sprake van een forse terugval in functioneren van de minderjarige na terugkeer uit een revalidatiekliniek, wat wijst op een psychische component.
De kinderrechter oordeelt dat er een acute bedreiging is voor de gezondheid van de minderjarige en dat vrijwillige hulpverlening niet toereikend is vanwege het stelselmatig negeren van medisch advies door de ouders. Daarom wordt een voorlopige ondertoezichtstelling voor beide minderjarigen en een machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van twee weken verleend. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en de behandeling van het verzoek wordt voor het overige aangehouden.