In deze zaak verzoekt de werkgever, Stichting Leger des Heils Welzijns- en Gezondheidszorg (LdH), om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer, [verweerder]. De kantonrechter heeft het verzoek toegewezen, omdat er een redelijke grond voor ontbinding is vastgesteld, namelijk een verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer heeft recht op een transitievergoeding van € 9.408,10, maar het tegenverzoek van de werknemer om een billijke vergoeding is afgewezen. De procedure begon met een verzoekschrift van LdH op 17 juli 2025, gevolgd door een mondelinge behandeling op 8 september 2025. De kantonrechter oordeelde dat de relatie tussen de werknemer en een deelneemster van LdH, [C (voornaam)], indruist tegen de gedragsregels van de organisatie. De werknemer betwistte de beschuldigingen van grensoverschrijdend gedrag en stelde dat de verstoring van de arbeidsverhouding te wijten was aan LdH. De kantonrechter concludeerde dat de arbeidsverhouding ernstig en duurzaam verstoord was, waardoor ontbinding gerechtvaardigd was. De beschikking is gegeven op 6 oktober 2025.