ECLI:NL:RBMNE:2025:5222
Rechtbank Midden-Nederland
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbinding huurcontract ondanks huurachterstand minder dan drie maanden
De huurder [opposant] huurt sinds 18 juli 2024 een woning van Stichting NabijWonen en had een huurachterstand van vijf maanden, waarvoor de verhuurder ontbinding en ontruiming vorderde. In eerste aanleg werd verstek verleend tegen de huurder, waarna de vorderingen werden toegewezen. De huurder kwam echter tijdig in verzet en voerde verweer.
De kantonrechter heroverwoog de zaak en oordeelde dat de ontbinding en ontruiming niet gerechtvaardigd zijn omdat de huurachterstand inmiddels is teruggebracht tot minder dan drie maanden. De kantonrechter weegt mee dat de huurder inmiddels weer betalingen verricht en dat eerdere huurachterstanden niet door een rechter zijn vastgesteld, waardoor geen sprake is van herhaalde tekortkoming.
De huurder wordt wel veroordeeld tot betaling van de resterende huurachterstand van €1.218,15 en €242,54 aan servicekosten, vermeerderd met wettelijke rente. Daarnaast worden de proceskosten van €1.254,45 aan de verhuurder toegewezen. Het eerdere verstekvonnis wordt vernietigd en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Ontbinding en ontruiming afgewezen; huurder veroordeeld tot betaling huurachterstand, servicekosten en proceskosten.