ECLI:NL:RBMNE:2025:5325
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatieverzoek kinderopvangtoeslag op grond van Wet hersteloperatie toeslagen
Eiseres verzocht bij Dienst Toeslagen compensatie op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht) voor de jaren 2013 tot en met 2015. Dienst Toeslagen wees het verzoek af, omdat zij geen aanwijzingen vond voor institutionele vooringenomenheid of hardheid van het stelsel. De rechtbank beoordeelde het beroep en stelde vast dat de beoordeling zich beperkte tot de jaren 2013 en 2014.
Eiseres stelde dat de terugvorderingen voortkwamen uit onjuiste urenregistratie door de kinderopvanginstelling, waarbij zij aantoonbaar meer opvanguren had afgenomen dan geregistreerd. Dienst Toeslagen mocht echter uitgaan van de gegevens in de KOI-viewer, een systeem met daadwerkelijk afgenomen uren. De rechtbank vond dat het verhaal van eiseres niet aannemelijk was en dat Dienst Toeslagen terecht geen twijfel had bij de gegevens in de KOI-viewer.
Daarnaast wees de rechtbank het verzoek om een bestuurlijke lus af, omdat daarmee niet kon worden aangetoond dat meer opvang was afgenomen. Wel werd een schadevergoeding van €1.500 toegekend wegens een overschrijding van de redelijke termijn van 17 maanden bij de bezwaarprocedure. Het beroep werd ongegrond verklaard en Dienst Toeslagen werd veroordeeld tot betaling van deze vergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en Dienst Toeslagen mag het compensatieverzoek afwijzen, maar wordt veroordeeld tot een schadevergoeding van €1.500 wegens overschrijding van de redelijke termijn.