ECLI:NL:RBMNE:2025:5497

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
22 oktober 2025
Publicatiedatum
22 oktober 2025
Zaaknummer
11680301
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vordering tot betaling van reparatiekosten voor auto met BMW Premium Selection garantie

In deze zaak vordert eiseres, een B.V., betaling van € 2.885,93 van gedaagde voor reparatiewerkzaamheden aan diens BMW X3 M40i. De auto was onderhevig aan een (Belgische) BMW Premium Selection garantie. Eiseres stelt dat gedaagde verantwoordelijk is voor de betaling, terwijl gedaagde aanvoert dat de kosten onder de garantie vallen en door eiseres met BMW geregeld moeten worden. De kantonrechter wijst de vordering van eiseres af, omdat zij niet heeft onderbouwd waarom gedaagde de financiële afwikkeling met BMW zou moeten regelen, ondanks de garantie. Gedaagde vordert in reconventie € 1.452,00 voor schade aan de VDP-module van de auto, die volgens hem is ontstaan door de nalatigheid van eiseres. Ook deze vordering wordt afgewezen, omdat gedaagde onvoldoende bewijs heeft geleverd dat eiseres de schade heeft veroorzaakt. De kantonrechter oordeelt dat eiseres de proceskosten in conventie moet betalen, terwijl gedaagde de proceskosten in reconventie voor zijn rekening moet nemen.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Amersfoort
Zaaknummer: 11680301 \ AC EXPL 25-1127
Vonnis van 22 oktober 2025
in de zaak van
[eiseres] B.V.,
gevestigd in [vestigingsplaats] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [eiseres] ,
gemachtigde: mr. D. Plana,
tegen
[gedaagde],
woonachtig in [woonplaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. Tj. Rosbach.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de aanvullende productie 7 van [eiseres]
- de conclusie van antwoord in reconventie
- de mondelinge behandeling van 24 september 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is bepaald dat vandaag het vonnis wordt gewezen.

2.De kern van de zaak

2.1.
[gedaagde] heeft een BMW X3 M40i (hierna: ‘de auto’). De auto komt oorspronkelijk uit België, maar is in Nederland met een Nederlands kenteken gekocht door [gedaagde] . [gedaagde] heeft de auto voor reparatie van o.a. een lekkage naar [eiseres] gebracht. [eiseres] vordert in conventie dat [gedaagde] haar € 2.885,93 betaalt voor de reparatiewerkzaamheden die zij heeft verricht aan de auto. Volgens [gedaagde] hoeft hij niet te betalen, omdat op de auto een BMW Premium Selection garantie zit en de reparatie onder deze garantie zou vallen. [eiseres] moet dit volgens [gedaagde] regelen met BMW. Daarnaast vordert [gedaagde] in reconventie een schadevergoeding van € 1.452,00 van [eiseres] , omdat zij de auto van [gedaagde] met lekkage buiten heeft gezet en daardoor een (nieuw) defect aan de auto is ontstaan.
De vordering van [eiseres] wordt afgewezen, omdat zij onvoldoende heeft onderbouwd waarom [gedaagde] , ondanks de garantie, zelf de financiële afwikkeling met BMW (België) zou moeten regelen. De vordering in reconventie van [gedaagde] wordt ook afgewezen. [eiseres] heeft tegengesproken dat zij schade heeft veroorzaakt en [gedaagde] heeft onvoldoende onderbouwd dat dat wel zo is.

3.De beoordeling

in conventie
De vordering van [eiseres] wordt afgewezen
3.1.
De vordering van [eiseres] wordt afgewezen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente worden daarom ook afgewezen.
De auto van [gedaagde] had BMW Premium Selection garantie ten tijde van de reparatie
3.2.
Het staat vast dat op de auto van [gedaagde] een BMW Premium Selection garantie zat ten tijde van de reparatie door [eiseres] . Dit staat tussen partijen niet ter discussie. In het document dat [gedaagde] als productie 2 heeft overgelegd staat dat de auto van 18 maart 2021 tot 18 maart 2025 BMW Premium Selection garantie heeft (tot 200.000 km). Verder staat er dat er geen garantiebeperkingen zijn. [gedaagde] heeft op de mondelinge behandeling toegelicht dat hij voor de reparatie eerst bij een filiaal van [eiseres] in [plaats 1] langsging met zijn auto. Daar werd door (een medewerker van) het filiaal aangegeven dat de auto garantie had, maar dat zij geen tijd hadden om de auto te repareren. Toen is [gedaagde] doorgestuurd naar het filiaal van [eiseres] in [plaats 2] . Daar heeft [gedaagde] aangegeven dat de auto nog garantie had en volgens hem zei (een medewerker van) [eiseres] in [plaats 2] dat dat klopte. [eiseres] heeft dit niet betwist.
Nergens blijkt uit dat [gedaagde] de factuur moest voorschieten
3.3.
[A] , salesmanager van [eiseres] , heeft op de mondelinge behandeling uitgelegd dat een auto met BMW Premium Selection garantie normaal gesproken kosteloos wordt gerepareerd en de financiële afwikkeling dan door [eiseres] wordt geregeld met BMW Nederland. In dit geval kan dat volgens [eiseres] niet, omdat het garantiecertificaat voor de auto is afgegeven door een Belgische BMW-dealer. Volgens [eiseres] is de garantie in dat geval alleen van toepassing in België en/of moet de afhandeling daarom door de Belgische BMW-dealer die het garantiecertificaat heeft afgegeven met BMW België geregeld worden. Dat moet de eigenaar van de auto zelf regelen.
3.4.
[eiseres] heeft echter niet onderbouwd waarom de werkwijze in het onderhavige geval anders is dan gebruikelijk, enkel en alleen omdat het garantiebewijs in België is afgegeven, en in het dossier zitten ook geen aanknopingspunten waaruit dit blijkt. De (Belgische) garantievoorwaarden zijn bijvoorbeeld niet in de procedure overgelegd. De kantonrechter kan daarom niet vaststellen dat met de factuur van de reparatie van een in Nederland gekochte auto (met Nederlands kenteken) die in België BMW Premium Selection garantie heeft gekregen, anders moet worden omgegaan dan bij een auto die in Nederland BMW Premium Selection garantie heeft gekregen.
3.5.
Als de verantwoordelijkheid voor het voorschieten van de factuur en de afwikkeling met BMW België al bij [gedaagde] zou liggen, dan heeft [eiseres] dat niet duidelijk gemaakt aan [gedaagde] vóórdat zij aan de reparatie van de auto begon. Zij heeft bijvoorbeeld nooit de garantievoorwaarden aan [gedaagde] laten zien waaruit dit zou blijken. Van [eiseres] als officiële BMW-dealer mag dat wel verwacht worden.
3.6.
Uit de e-mails in het dossier blijkt ook niet waarom de verantwoordelijkheid voor de financiële afhandeling, in tegenstelling tot de door [eiseres] gestelde normale gang van zaken, bij [gedaagde] zou liggen. [gedaagde] is door [eiseres] weliswaar in de cc meegenomen in de mails tussen haar en de Belgische BMW-dealer ( [.] ), maar deze berichten geven ook geen uitsluitsel of duidelijkheid over wie wat moet doen. Het zijn verwarrende berichten waarbij de procedure steeds anders lijkt te zijn. Na de e-mailwisseling is [eiseres] in juli 2024 begonnen aan de reparatie van de auto. [gedaagde] was na deze berichten nog steeds in de veronderstelling dat de factuur via de garantie geregeld zou worden. De kantonrechter acht dat begrijpelijk. De berichten zijn onduidelijk en een officiële afwijzing van de factuur van [eiseres] door BMW België of BMW Nederland ontbreekt.
[gedaagde] mocht als consument ervan uitgaan dat de verantwoordelijkheid voor de financiële afwikkeling met BMW zoals gebruikelijk bij [eiseres] , als officiële BMW-dealer, lag.
3.7.
Dat de Belgische BMW-dealer in één van haar mails aangeeft dat zij nog geen antwoord van BMW België heeft en [gedaagde] (daarom) ervoor kan kiezen om het werk te laten uitvoeren, de factuur te betalen en als BMW België de kosten op haar neemt hij gecrediteerd moet worden, betekent niet dat [gedaagde] verplicht was om de factuur voor te schieten of dat de reparatie niet onder de garantie zou vallen. Evenmin brengt dit bericht met zich mee dat [eiseres] geen verantwoordelijkheid (meer) zou hebben voor de financiële afwikkeling met BMW.
[eiseres] moet de proceskosten in conventie betalen
3.8.
[eiseres] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
476,00
(2 punten × € 238,00)
- nakosten
119,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
595,00
Uitvoerbaar bij voorraad
3.9.
De kantonrechter verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als één van de partijen hoger beroep instelt tegen deze beslising. De beslissing geldt in dat geval tot het gerechtshof een andere beslissing neemt.
in reconventie
De vordering van [gedaagde] wordt afgewezen
3.10.
In reconventie vordert [gedaagde] € 1.452,00 van [eiseres] . Dit betreft vergoeding van de kosten die hij heeft gemaakt voor de vervanging van de VDP-module, die volgens hem beschadigd zou zijn geraakt doordat [eiseres] de auto met lekkage buiten heeft gezet en er daardoor water het interieur is binnengedrongen. [gedaagde] is naar een andere garage gegaan om de VDP-module te laten vervangen.
3.11.
De vordering van [gedaagde] wordt afgewezen. [eiseres] heeft toegelicht waaruit volgens haar blijkt dat de schade al (veel) eerder moet zijn ontstaan en [gedaagde] heeft daar onvoldoende tegenover gesteld voor een andere conclusie.
[eiseres] heeft de schade aan de VDP-module niet veroorzaakt
3.12.
Dat de foutcode naar boven kwam in de periode dat de auto bij [eiseres] stond, brengt niet, zoals [gedaagde] lijkt te stellen, vanzelf met zich mee dat [eiseres] dit heeft veroorzaakt of onrechtmatig heeft gehandeld tegenover [gedaagde] . In haar conclusie van antwoord en op de mondelinge behandeling heeft [eiseres] uitgelegd dat na de reparatie de auto opnieuw werd geprogrammeerd. Na deze programmering (en kalibratie) gaf de auto een (nieuwe) foutcode aan die erop wees dat de VDP-module vervangen moest worden. [eiseres] heeft dit verder onderzocht en daaruit volgde dat de VDP-module beschadigd was, vermoedelijk door dezelfde langdurige lekkage waarvoor [gedaagde] de auto naar [eiseres] had gebracht. Op de module zat namelijk kalk en corrosie en dat kan alleen ontstaan door een langdurige blootstelling aan water en niet doordat [eiseres] de auto in de reparatieperiode kort buiten had gezet. De schade was dus al aanwezig op het moment dat [gedaagde] de auto naar [eiseres] bracht voor de reparatie. Daarbij komt dat [eiseres] de auto heeft afgeplakt toen deze kort buiten werd gezet, zodat er geen water in de auto kon komen.
Dat sprake was van kalk en corrosie is door [gedaagde] niet weersproken. Tegenover dit verweer van [eiseres] , had [gedaagde] zijn stelling dat de schade door [eiseres] is veroorzaakt, beter moeten onderbouwen. Dat heeft hij niet gedaan.
[gedaagde] moet de proceskosten in reconventie betalen
3.13.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiseres] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
119,00
(1 punt × factor 0,5 × € 238,00)
- nakosten
102,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
221,00
Uitvoerbaar bij voorraad
3.14.
De kantonrechter verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als één van de partijen hoger beroep instelt tegen deze beslising. De beslissing geldt in dat geval tot het gerechtshof een andere beslissing neemt.

4.De beslissing

De kantonrechter
in conventie
4.1.
wijst de vorderingen van [eiseres] af,
4.2.
veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van € 595,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiseres] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,
in reconventie
4.4.
wijst de vorderingen van [gedaagde] af,
4.5.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 221,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.6.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. F.H. Charbon en in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2025.
61312