ECLI:NL:RBMNE:2025:5560
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom voor illegale bebouwing
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een last onder dwangsom die het college van burgemeester en wethouders van Utrecht aan hem heeft opgelegd wegens het plaatsen van een tuinhuis/schuur en een pergola zonder vergunning op zijn perceel. Hij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat hij de bebouwing moet afbreken en een dwangsom moet betalen.
De voorzieningenrechter beoordeelde het verzoek zonder zitting en oordeelde dat er geen spoedeisend belang was omdat het college schriftelijk had toegezegd de begunstigingstermijn te verlengen tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Daarnaast was het bestreden besluit niet evident onrechtmatig, hetgeen betekent dat zonder diepgaand onderzoek geen ernstige twijfel bestond over de rechtmatigheid van het besluit.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en geen evident onrechtmatigheid.