ECLI:NL:RBMNE:2025:560
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen ongeldigverklaring rijbewijs wegens niet volgen cursus gedrag en verkeer
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het CBR om zijn rijbewijs ongeldig te verklaren omdat hij niet heeft deelgenomen aan de opgelegde cursus gedrag en verkeer. De voorzieningenrechter oordeelt dat eiser geen geldige reden heeft gegeven voor zijn afwezigheid. Hij was zelf verantwoordelijk voor het inplannen van de cursus en had de cursusdata kunnen inzien via Mijn CBR.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het niet ontvangen van de brief met cursusdata niet vrijwaart van de verplichting om navraag te doen. Ook het argument dat het een hectische periode was, leidt niet tot een andere uitkomst. Het CBR heeft uit coulance al een tweede kans gegeven.
Op grond van artikel 132, tweede lid, Wegenverkeerswet is het CBR verplicht het rijbewijs ongeldig te verklaren bij het niet meewerken aan de cursus. De rechter kan hier niet toetsen aan het evenredigheidsbeginsel of artikel 3:4 Awb Pro, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn, wat hier niet het geval is.
Eiser kan de cursus alsnog volgen en daarna een nieuw rijbewijs aanvragen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. Het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.